Schriftelijke vragen : De datakluis met documenten over het toeslagenschandaal
Vragen van de leden Moinat en Markuszower (beiden Groep Markuszower) aan de Staatssecretarissen van Financiën over de datakluis met documenten over het toeslagenschandaal (ingezonden 20 augustus 2026).
Vraag 1
Op welke wijze is binnen het ministerie geborgd dat de wettelijke en procedurele informatieplicht
richting de parlementaire enquêtecommissie volledig, tijdig en controleerbaar is nageleefd
bij de omgang met de desbetreffende datakluis? Classificeert u deze borging met het
huidige inzicht als afdoende en doeltreffend? Zo ja, waarom wel? Zo nee, waarom niet?1
Vraag 2
Hoe is vastgesteld dat de betrokken medewerker, die reeds in 2022 kennis had van de
datakluis, heeft gehandeld in overeenstemming met de interne zorgvuldigheids-, informatie-
en archiveringsnormen die gelden bij parlementaire informatieverstrekking?
Vraag 3
Kan worden uitgesloten dat sprake is geweest van actieve selectie, filtering of afbakening
van informatie, die aan de parlementaire enquêtecommissie is verstrekt? Zo ja, op
basis van welke toetsing is die conclusie getrokken?
Vraag 4
Op welke wijze is de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor het handelen of nalaten
van de betrokken medewerker in dit proces vastgesteld, beoordeeld en intern gedocumenteerd?
Classificeert u deze procedure met het huidige inzicht als afdoende en doeltreffend?
Zo ja, waarom wel? Zo nee, waarom niet?
Vraag 5
Hoe verhoudt de stelling dat het niet verstrekken van de documenten uit de datakluis
«geen impact heeft gehad op de conclusies van de parlementaire enquêtecommissie» zich
tot het feit dat deze commissie de desbetreffende informatie zelf niet heeft kunnen
beoordelen? Op welke objectieve en verifieerbare onderbouwing is deze conclusie gebaseerd
en op welke grond meent het kabinet zich daarover uit te kunnen laten?
Vraag 6
Classificeert u het feit dat zeven ambtsvoorgangers reeds van het bestaan van de datakluis
afwisten en desondanks deze bewust of onbewust hebben achtergehouden als dermate problematisch
dat daaraan straf- of bestuursrechtelijke consequenties verbonden moeten worden? Zo
nee, waarom niet?
Vraag 7
Kunt u aangeven waarom u niet actief wil kijken naar strafrechtelijke vervolging nu
blijkt dat het complete stelsel, van ambtenaren tot bewindspersonen, jarenlang en
stelselmatig zowel de Kamer als gedupeerden heeft voorgelogen, mede terwijl zij onder
ede verklaarden? Zo nee, wat is er volgens u nog meer nodig om hiervoor wel in aanmerking
te komen?
Indieners
-
Gericht aan
S.T.P.H. Palmen, staatssecretaris van Financiën -
Gericht aan
E. Eerenberg, staatssecretaris van Financiën -
Indiener
Nicole Moinat, Kamerlid -
Medeindiener
Gidi Markuszower, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.