Schriftelijke vragen : Het inperken van de bereikbaarheid van het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum voor dierenartsen.
Vragen van het lid Kostić (PvdD) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over het inperken van de bereikbaarheid van het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum voor dierenartsen (ingezonden 12 augustus 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de berichten van het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum
(NVIC) en de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD) dat
het NVIC vanaf 12 augustus 2026 bij telefonische drukte voorrang geeft aan vragen
over mensen, waardoor dierenartsen langer moeten wachten op informatie die levens
kan redden?1
2
Vraag 2
Kunt u bevestigen dat het NVIC ook voor de veterinaire zorg een onmisbare rol vervult,
aangezien dierenartsen het kenniscentrum jaarlijks ruim 9.000 keer telefonisch raadplegen
(ongeveer twintig procent van alle informatieverzoeken)?
Vraag 3
Wat vindt u ervan dat dit kenniscentrum noodgedwongen voorrang moet geven aan vragen
over mensen, aangezien het totale aantal telefoontjes fors is gestegen en de wachttijden
daardoor zijn opgelopen?
Vraag 4
Kunt u aangeven hoeveel financiering het NVIC jaarlijks vanuit de Rijksoverheid ontvangt
voor zijn taken?
Vraag 5
Hoe heeft dit bedrag zich de afgelopen jaren ontwikkeld?
Vraag 6
Hoe verhoudt de ontwikkeling van deze financiering zich tot het fors toegenomen aantal
telefonische informatieverzoeken aan het NVIC, dat is opgelopen tot 48.422 in 2025
en ook in 2026 verder stijgt?
Vraag 7
Kunt u toelichten welke concrete bezuiniging op het NVIC van toepassing is en om welk
bedrag het daarbij gaat?
Vraag 8
Deelt u de zorg dat langere wachttijden bij acute vergiftigingen ertoe kunnen leiden
dat het tijdig verlenen van (veterinaire) zorg in het geding komt?
Vraag 9
Acht u het verantwoord om te bezuinigen op een kenniscentrum waarmee de levens van
mensen en dieren worden gered? Zo ja, waarom?
Vraag 10
Onderschrijft u dat huisdieren vanuit het One Health-perspectief een vroeg signalerende
rol kunnen vervullen voor toxicologische risico’s die later ook bij mensen zichtbaar
worden, en dat een goede veterinaire toxicologische informatievoorziening daarmee
ook van belang is voor de volksgezondheid, zoals het NVIC zelf aangeeft? Zo nee, waarom
niet?
Vraag 11
Deelt u de mening dat het onwenselijk is dat de toegang van dierenartsen tot actuele,
deskundige informatie over acute vergiftigingen onder druk komt te staan? Zo nee,
waarom niet?
Vraag 12
Bent u bereid te onderzoeken op welke manier het NVIC in staat kan worden gesteld
om zowel humane als veterinaire informatievragen goed te blijven beantwoorden, zonder
extra wachttijden? Zo nee, waarom niet?
Vraag 13
Bent u bereid om de bezuinigingen op het NVIC terug te draaien? Zo nee, waarom niet?
Vraag 14
Kunt u deze vragen één voor één en binnen de daarvoor gestelde termijn beantwoorden?
Indieners
-
Gericht aan
S.P.A. Erkens, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur -
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
Ines Kostić, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.