Schriftelijke vragen : "Belastingdienst hield datakluis op slot tijdens verzamelen gegevens parlementaire enquête"
Vragen van de leden Markuszower en Moinat (beiden Groep Markuszower) aan de Minister van Financiën, de Staatssecretarissen van Financiën over «Belastingdienst hield datakluis op slot tijdens verzamelen gegevens parlementaire enquête» (ingezonden 22 juli 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met diverse berichten over het onderzoek van BDO naar de datakluis van
de Belastingdienst?1
Vraag 2
Kunt u bevestigen dat een medewerker van de Belastingdienst al in 2022, tijdens het
verzamelen van stukken voor de Parlementaire Enquête Fraudebeleid en Dienstverlening
(PEFD), op de hoogte was van het bestaan van de datakluis en van de mogelijkheid dat
daarin relevante informatie zat? Waarom is dit signaal destijds niet opgevolgd en
waarom is het zoekteam doorgegaan met een zoekslag waarbij de html-verwijzingsbestanden
naar de kluis welbewust of onbewust buiten beschouwing bleven?
Vraag 3
Op welke andere momenten, naast dit signaal uit 2022, is het kabinet of de Belastingdienst
geadviseerd om nadere zoekslagen te doen naar documenten over het toeslagenschandaal
in de datakluis? Kunt u hiervan een uitputtende lijst geven, met daarin in ieder geval
alle relevante rapporten van de Auditdienst Rijk (ADR), interne ambtelijke adviezen,
en overige signalen of aanbevelingen, inclusief data en geadresseerden?
Vraag 4
Klopt het dat Staatssecretaris Palmen al eind juli 2025 is geïnformeerd over het bestaan
van de datakluis én over het feit dat deze niet was gebruikt voor de PEFD? Zo ja,
waarom heeft het vervolgens tot april 2026 geduurd voordat de Kamer hierover werd
geïnformeerd, en wie heeft in die tussenliggende negen maanden besloten dit niet direct
te melden?2
Vraag 5
Op welke momenten is de Kamer naar uw oordeel foutief geïnformeerd over het bestaan,
de inhoud, of de bevraging van de datakluis? Kunt u per moment aangeven welke informatie
destijds is verstrekt, waarom die onjuist of onvolledig was, en wie daarvoor verantwoordelijk
was?
Vraag 6
In het BDO-rapport staat een interne e-mail waarin de Belastingdienst zelf erkent
dat het achterhouden van deze documenten een schending van Artikel 68 van de Grondwet
oplevert. Kunt u de inhoud en verzenddatum van deze e-mail met de Kamer delen, en
kunt u aangeven wie deze e-mail heeft opgesteld, wie hem heeft ontvangen en welke
actie daarop is genomen?
Vraag 7
Klopt het dat de inhoud van de datakluis gewoon aan de Kamer geleverd had moeten worden zodra daarnaar gevraagd werd, zowel bij schriftelijke Kamervragen
als bij een parlementaire enquête waarbij documenten worden opgevraagd? Zo ja, op
basis van welke wettelijke grondslag gold die leveringsplicht, en waarom is daar in
dit geval herhaaldelijk niet aan voldaan?
Vraag 8
Welke wetten heeft het kabinet allemaal overtreden door deze informatie niet te leveren,
terwijl al lang bekend was dat dit wel moest? Wilt u hierbij uitputtend zijn en in
ieder geval ingaan op de Wet open overheid (Woo, voorheen Wob), de Grondwet (Artikel
68) en de Wet op de Parlementaire Enquête 2008?
Vraag 9
Kunt u uitsluiten dat er ambtsmisdrijven zijn gepleegd in verband met het achterhouden
van de datakluis? Kunt u dit antwoord uitgebreid toelichten, met een onderbouwing
per relevant delict uit Titel XXVIII van het Wetboek van Strafrecht?
Vraag 10
Deelt u de opvatting dat, ondanks de interne erkenning van grondwetsschending genoemd
in vraag 6, het welbewust achterhouden van miljoenen documenten voor de zwaarste onderzoeksvorm
die de Kamer kent, een ernstiger feit is dan de staatssecretarissen tot nu toe erkennen?
Vraag 11
Kunt u bevestigen dat de datakluis mede is voortgekomen uit een veiligstelactie die
is uitgevoerd nadat het Ministerie van Financiën in 2020 aangifte deed tegen de eigen
Belastingdienst wegens vermoedelijke misdrijven in de toeslagenaffaire, waarbij mailboxen,
N-schijven en Q-schijven van betrokken medewerkers zijn veiliggesteld, maar nooit
verder zijn onderzocht? Zo ja, waarom zijn na deze veiligstelactie geen vervolgacties
ondernomen en is deze informatie niet betrokken bij latere onderzoeken, waaronder
het onderzoek door de PEFD?
Vraag 12
De Kamer heeft in 2020 al geëist dat de Belastingdienst een openbaar hotspotarchief
zou inrichten en zou stoppen met het vernietigen van documenten. Kunt u bevestigen
dat de Belastingdienst in 2024 heeft geprobeerd onder deze verplichting uit te komen?
Zo ja, wie heeft daartoe besloten en met welke onderbouwing?
Vraag 13
De Belastingdienst heeft erkend gedurende lange tijd meer dan veertien wetten te hebben
overtreden in het kader van de fraudeaanpak (waaronder CAF, RAM en PIT), zonder dat
hiervoor ooit individuele verantwoordelijkheid is vastgesteld. Bent u bereid alsnog
per overtreden wet vast te stellen wie hiervoor verantwoordelijk was en welke consequenties
daaraan worden verbonden?
Vraag 14
Kunt u bevestigen dat in de datakluis onbewerkte, historische brondata zijn aangetroffen
van de discriminerende selectiecriteria op basis van nationaliteit, geloof of postcode
waarmee groepen ouders in CAF-zaken collectief en zonder individuele toetsing als
fraudeur zijn aangemerkt?
Vraag 15
Klopt het dat deze data zonder wettelijke grondslag, dus illegaal, zijn gedeeld met
andere overheidsinstanties en private partijen, waaronder banken? Zo ja, sinds wanneer
wist het ministerie dit, welke instanties hebben deze data ontvangen, en welke gevolgen
heeft dit gehad voor de mensen op wie deze data betrekking hadden?
Vraag 16
Op welke wijze kunnen toeslagenouders, maar ook getroffen ondernemers en andere burgers,
op de kortst mogelijke termijn inzage krijgen in de stukken die specifiek over henzelf
gaan in de datakluis, en welk tijdpad hanteert u daarvoor?
Vraag 17
Kunt u alle conceptversies van het BDO-rapport, alsmede alle feedback die daarop vanuit
het kabinet en/of de Belastingdienst is gegeven, aan de Kamer doen toekomen?
Vraag 18
Kunt u een volledige inventarislijst van de inhoud van de datakluis openbaar maken?
Vraag 19
Het BDO-rapport is bij brief van 10 juli 2026 aan de Kamer aangeboden, vlak na de
start van het zomerreces.3
Deelt u de opvatting dat dit tijdstip van publicatie, gecombineerd met het patroon
van eerdere vertraging in informatievoorziening, de indruk wekt van een bewuste strategie
om maatschappelijke en parlementaire aandacht te ontlopen? Zo nee, waarom is niet
gekozen voor publicatie tijdens een reguliere vergaderperiode?
Vraag 20
Getuigen voor een parlementaire enquêtecommissie leggen hun verklaring af onder ede.
Kunt u per bewindspersoon en ambtenaar die in het kader van de PEFD onder ede is gehoord,
nagaan of hun verklaringen over de volledigheid van de aangeleverde informatie zich
verhouden tot de bevindingen van het BDO-rapport, met bijzondere aandacht voor het
moment waarop signalen over de datakluis (2022) en de bevestiging daarvan (2025) bekend
werden?
Vraag 21
Deelt u de opvatting dat, indien blijkt dat een getuige onder ede bewust een onvolledige
of onjuiste voorstelling van zaken heeft gegeven over het bestaan of de inhoud van
de datakluis, dit het strafbare feit meineed (Artikel 207 Wetboek van Strafrecht)
kan opleveren?
Vraag 22
Bent u bereid, gelet op de wettelijke mogelijkheid dat de enquêtecommissie ten behoeve
van een strafrechtelijk onderzoek naar meineed informatie mag verstrekken aan het
Openbaar Ministerie, deze route actief te (laten) onderzoeken? Zo nee, waarom niet?
Vraag 23
Kan het kabinet, of het Ministerie van Financiën namens de Staat, aangifte doen van
mogelijke meineed of andere ambtsmisdrijven in verband met het achterhouden van de
datakluis? Zo ja, tegen wie zou een dergelijke aangifte zich kunnen richten – de betrokken
(oud-)bewindspersonen, individuele ambtenaren, en/of de Belastingdienst als organisatie –
en bent u bereid dit te (laten) onderzoeken?
Vraag 24
Pieter Omtzigt stelt dat het patroon van een doofpot is om de aandacht te laten verslappen,
rapporten in het reces te publiceren en te wachten tot het overwaait. Deelt u de opvatting
dat dit patroon zich hier herhaalt, en bent u bereid onafhankelijk (dus niet door
een partij met bestaande banden met de Belastingdienst) te laten vaststellen of er
sprake is geweest van een bewuste vertragingsstrategie?
Vraag 25
Een burger die bij een belastingcontrole één document achterhoudt, riskeert strafrechtelijke
vervolging. Kunt u toelichten waarom er tot op heden geen enkele bestuurlijke of strafrechtelijke
consequentie is verbonden aan het jarenlang achterhouden van 64 miljoen bestanden
door de eigen dienst?
Vraag 26
Bent u bereid, vooruitlopend op de uitkomsten van de vorige week ingestelde externe
commissie, de Kamer een volledige tijdlijn te doen toekomen van alle momenten waarop
binnen de Belastingdienst en het ministerie bekend was of kón zijn dat de datakluis
relevante informatie bevatte voor lopende of afgeronde parlementaire onderzoeken,
inclusief de rol van de veiligstelactie uit 2020 en het signaal uit 2022?
Vraag 27
Kunt u deze vragen één voor één en binnen drie weken beantwoorden?
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
Gidi Markuszower, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Nicole Moinat, Tweede Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.