Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Oualhadj over het vooroplopen van Nederland in de halfgeleiderindustrie
Vragen van het lid Oualhadj (D66) aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat over het vooroplopen van Nederland in de halfgeleiderindustrie (ingezonden 28 mei 2026).
Antwoord van Minister Herbert (Economische Zaken en Klimaat) (ontvangen 23 juni 2026).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 2305.
Vraag 1
Onderschrijft u de conclusie uit de European Semiconductor Demand Study van 21 mei
2026 dat de Europese chipvraag richting 2040 verdubbelt? Welke consequenties trekt
zij daaruit?1
Antwoord 1
Ja, ik onderschrijf de conclusie dat de Europese vraag naar halfgeleiders richting
2040 grofweg verdubbelt, en binnen de Europese industrie zelfs groeit naar circa 2,4
keer het huidige niveau. Deze sterke groei in sectoren als industriële automatisering,
MedTech en mobiliteit biedt grote kansen voor de Nederlandse en Europese halfgeleiderketen
(inclusief chipmachinebouw, fotonica en quantum).
De belangrijkste conclusie die ik uit de studie trek, is dat de marktvraag er is,
maar dat investeringen in Europa niet vanzelfsprekend zijn. Om de Europese positie
in zowel volwassen technologieën (zoals sensoren en microcontrollers) als in geavanceerde
segmenten (zoals chipontwerp en AI) te behouden en uit te breiden, zijn gerichte politieke
keuzes, langdurig publiek en privaat commitment én gezamenlijke actie van de industrie
en eindmarkten noodzakelijk.
Vraag 2
Klopt het dat de ambitie van de eerste Europese chipverordening een Europees marktaandeel
van 20% was, en dat dit aandeel nu 8% bedraagt en bij de modernste chips zelfs 3%?
Welke harde lessen trekt u hieruit?
Antwoord 2
De bestaande Chips Act heeft tot significante extra investeringen in de Europese halfgeleiderindustrie
geleid, namelijk meer dan € 52 miljard2. Ook zijn er serieuze stappen op gebied van onderzoek en ontwikkeling gezet. Tegelijkertijd
zien we dat er in andere delen van de wereld ook fors in de sector is geïnvesteerd,
waardoor het relatieve aandeel van Europa vrij constant is gebleven.
In de communicatie rondom de eerste Chips Act is veel nadruk komen te liggen op een
streefpercentage van 20% voor de productie van chips in Europa. Maar een dergelijk
streefpercentage is geen doel op zich. Het gaat uiteindelijk om het versterken van
de halfgeleiderindustrie in Europa. Nederland heeft daarom als aanjager van de Semicon
Coalition de Commissie aangespoord in te zetten op 3 hoofddoelen voor een nieuwe Chips
Act: onmisbaarheid nastreven in de mondiale waardenketen, weerbaarheid van de eigen
positie versterken, en inzetten op welvaart voor Europa.
Vraag 3
Herinnert u zich uw eerdere antwoord dat het kabinet «de komende weken» met het veld
tot een shortlist van projecten zou komen, en kunt u bevestigen dat deze toezegging dateert van april
2026? Ligt deze shortlist er, en bent u bereid deze per ommegaande met de Kamer te delen?
Antwoord 3
De Semicon Visie 2035 die ik recent naar uw Kamer stuurde3 vormt de basis voor een gericht uitvoeringsprogramma voor de halfgeleiderindustrie,
zoals bedoeld in het Industriebeleid met focus4. De agenda hiertoe werk ik momenteel in afstemming met het veld uit. Het krijgt vorm
langs de 6 actielijnen uit de visie, en zal afhankelijk van het vraagstuk om verschillende
soorten acties vragen: zo zal er naar verwachting onder andere sprake zijn van gebiedsgerichte
opgaven, innovatie- en opschalingsvraagstukken en algemene beleidsinitiatieven. Daarbij
is het goed om in ogenschouw te houden dat al veel werk in uitvoering is, zoals het
versterkingsplan van microchiptalent, de IPCEI AST en de groeifondsprogramma’s voor
fotonica en quantum.
De realisatie van deze opgaven is complex en moet in zorgvuldigheid worden uitgelopen,
met private partijen, regionale partners en andere stakeholders. Ik wil voorkomen
dat voortijdig verwachtingen worden gewekt over opgaven waarvoor nog geen commitment
bestaat. Dit kan er namelijk voor zorgen dat deze initiatieven niet van de grond komen.
In het najaar zal ik uw Kamer daarom via een brief informeren over de voortgang van
het Nederlandse halfgeleiderbeleid. Hierin zal uitgebreider worden ingegaan op het
gerichte uitvoeringsprogramma, inclusief lopende projecten.
Vraag 4
Welke financiële omvang is gekoppeld aan de projecten op de shortlist?
Antwoord 4
Het uitgangspunt van het kabinet is om integraal knelpunten aan te pakken om verdere
groei van de halfgeleiderindustrie mogelijk te maken. In de Semicon Visie 2035 is
een analyse gemaakt van de totale investeringen die het komende decennium nodig zullen
zijn om als Nederland een toonaangevende speler te blijven in de mondiale halfgeleiderindustrie.
Samen met het veld worden de ambities uit de visie nader uitgewerkt in projecten en
programma’s. Tevens werkt het kabinet aan nieuwe instrumenten die hierin een belangrijke
rol kunnen hebben, zoals de Nationale Investeringsinstelling of het Nationaal Agentschap
voor Disruptieve Innovatie. Het is op dit moment nog niet mogelijk om een eenduidig
antwoord te geven over de financiële vraag op projectniveau. In het najaar zal er
een voortgangsbrief volgen die nader ingaat op de wijze waarop verschillende projecten
zullen worden opgepakt.
Vraag 5
Kunt u bevestigen dat u eerder heeft gesteld dat privaat financieel commitment essentieel is voor de uitvoering? Erkent u dat bedrijven juist wachten op een helder
signaal van de overheid voordat zij investeren, en dat het huidige proces dit kip-en-ei-probleem
in stand houdt? Hoe duidt u het in dit verband dat een project als ChipNL wel is opgenomen
in de Nationale Technologiestrategie, maar zonder bijbehorende financiering?
Antwoord 5
Als Rijksoverheid proberen we investeringen in de Nederlandse halfgeleiderindustrie
te stimuleren en spannen we ons maximaal in om knelpunten voor verdere groei weg te
nemen. Hierbij is privaat commitment inderdaad essentieel, niet alleen in woord maar
ook in daad. Ik ben principieel geen voorstander van op voorhand publiek financieel
commitment afgeven voor projectplannen voordat deze in voldoende mate zijn uitgewerkt,
inclusief zicht op privaat financieel commitment. Uit de Nationale Technologiestrategie
(NTS) volgen de strategische technologische roadmaps voor Nederland, die erg belangrijk
zijn om de inhoudelijke koers voor de komende jaren uit te zetten. Deze zullen echter
moeten worden omgezet in concrete programma- en projectvoorstellen. Overigens zijn
er wel degelijk verschillende instrumenten met financiering beschikbaar om innovatieprojecten
voor de halfgeleiderindustrie te verwezenlijken, zoals de IPCEI-AST (die zich nadrukkelijk
richt op de focusgebieden van ChipNL), de Chips Joint Undertaking-calls en de PPS-i
middelen. Hier kunnen uitgewerkte projectvoorstellen op worden ingediend, in competitie
met andere voorstellen. Deze instrumenten sluiten goed aan op de prioriteiten uit
de NTS.
Vraag 6
Kunt u bevestigen dat u eerder heeft aangegeven dat geen scenario's zijn doorgerekend
voor het wegvallen van private investeringen in sleuteltechnologieën? Acht u dit,
gezien de nu beschikbare cijfers over de Europese marktpositie, nog wenselijk?
Antwoord 6
Private investeringen in sleuteltechnologieën (zoals semicon, quantum, fotonica, AI
en biotechnologie) staan onder druk door een combinatie van macro-economische tegenwind,
randvoorwaarden die onvoldoende voorhanden zijn en geopolitieke onzekerheid. Omdat
deze «deeptech»-sectoren een lange ontwikkeltijd en een hoog risicoprofiel hebben,
trekken private investeerders zich bij onzekerheden sneller terug. Zoiets is niet
makkelijk in een scenario-analyse door te rekenen. Om te voorkomen dat een tijdelijke
crisis leidt tot structurele schade aan het toekomstige verdienvermogen, kan de overheid
een actieve, risicodragende en faciliterende rol aannemen. Dat beogen we onder meer
te doen met de oprichting van de Nationale Investeringsinstelling en via generieke
oplossingen voor vraagstukken als netcongestie, talent en de stikstofproblematiek.
Vraag 7
Kunt u bevestigen dat de Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat samen
met stakeholders zes hoogtechnologische markten zou stimuleren? Wanneer rapporteert deze taskforce concreet aan de Kamer?
Antwoord 7
Dat klopt. Dit is conform de in oktober jl. verzonden brief5 waarin het industriebeleid met focus uiteen wordt gezet. De Taskforce zal op korte
termijn een voortgangsbrief verzenden aan de Kamer.
Vraag 8
Hoe verhouden de Semicon Visie 2035, de Nationale Technologiestrategie, het werk van
de Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat, en de IPCEI AST zich tot elkaar?
Werken deze trajecten parallel, of dreigt dubbeling en vertraging?
Antwoord 8
De Semicon Visie 2035 vormt de basis voor het Nederlandse beleid voor de halfgeleiderindustrie.
Deze Visie beschrijft de overkoepelende ambities voor de komende jaren en geeft een
integraal beeld van de uitdagingen en bijbehorende oplossingsrichtingen voor de verdere
groei van deze cruciale industrie. In het gericht programma semicon, zoals bedoeld
in de Industriebrief met focus6, komen deze verschillende opgaven samen onder één paraplu. Het stimuleren van innovatie
is één van deze opgaven. Hiervoor worden instrumenten, zoals de IPCEI-AST, gebruikt
om de technologie-roadmaps van de Nationale Technologiestrategie te verwezenlijken.
Strategie en instrumenten sluiten dus goed op elkaar aan.
De Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat is opgericht om doorbraken
te realiseren voor ons vestigingsklimaat en verdienvermogen. Ik ben daarom ook van
plan om wanneer interventies uit de gerichte programma’s aanlopen tegen knelpunten,
deze in te brengen in de Taskforce.
Vraag 9
Onderschrijft u dat Nederland binnen de EU een onevenredig grote rol vervult in cruciale
schakels van de halfgeleiderketen, van lithografie tot design en mature node-productie? Hoe waarborgt u dat Nederland niet slechts reageert op het voorstel van de Europese
Commissie, maar deze positie actief inzet om de richting van de Chipverordening 2.0
mede vorm te geven?
Antwoord 9
Nederland vervult binnen de EU, maar ook daarbuiten, een vooraanstaande rol als het
gaat om de waardeketen voor halfgeleiders. Dit is niet alleen te danken aan grote
spelers als ASML, NXP, ASM en BESI, maar ook het ecosysteem van middelgrote ondernemingen,
snelgroeiende bedrijven en gespecialiseerde kennisinstellingen.
Nederland is initiatiefnemer geweest voor de oprichting van de Semicon Coalition,
waarvan de verklaring de Commissie heeft opgeroepen tot herziening van de eerste Chipverordening
(Chips Act) op specifieke onderdelen. Deze verklaring werd door alle 27 Europese lidstaten
ondersteund.7 Ook heeft NL in samenwerking met Duitsland de verdere uitwerking van de Semicon Businesscase,
waar u naar refereert, ondersteund. Nederland opereert daarmee voortdurend in de Europese
voorhoede om deze nieuwe Chips Act vorm te geven, en zal dit ook blijven doen.
Vraag 10
Bent u bereid het BNC-fiche over het voorstel over de chipverordening 2.0 met spoed
(dus niet binnen zes, maar bijvoorbeeld twee weken) naar de Kamer te zenden, zodat
tijdig een debat over de uitvoering van de Semicon Visie 2035 hieraan kan worden gekoppeld?
Antwoord 10
Ik begrijp de wens van het lid Oualhadj om het BNC-fiche spoedig te ontvangen en ook
het grote belang van een tijdige behandeling van het voorstel voor de Chips Act 2.0
via debat met de Kamer. Voor een gedegen en gedragen eerste kabinetsappreciatie van
Commissievoorstellen, zoals het voorstel voor de Chips Act 2.0, is het wenselijk om
de reguliere termijnen voor BNC-fiches aan te houden. Deze afspraken borgen de kwaliteit,
zorgvuldigheid en afstemming van de Nederlandse positiebepaling. Dit draagt ook bij
aan een kwalitatief goed debat. Bovendien zijn deze termijnen onderdeel van de EU-informatieafspraken
die de Kamer in overleg met de Minister van Buitenlandse Zaken (MBZ) hebben vastgesteld.
Het is daarom niet zonder meer wenselijk om van deze standaardtermijn van zes weken
af te wijken.
Ondertekenaars
H.G. Herbert, minister van Economische Zaken en Klimaat
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.