Schriftelijke vragen : Het vervangend busvervoer van NS
Vragen van het lid Schutz (VVD) aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat over het vervangend busvervoer van NS (ingezonden 16 oktober 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Busvervoer bij treinstremmingen van NS wordt steeds
duurder, maar waarom staan zo veel bussen stil? «Dit is een verdienmodel»»?1
Vraag 2
Herkent u het in het artikel geschetste beeld dat de kosten van vervangend vervoer
voor NS tussen 2016 en 2024 zijn gestegen van € 25 miljoen naar € 39 miljoen?
Vraag 3
Kunt u per jaar en per hoofdaannemer inzichtelijk maken hoe veel kosten zijn gemaakt
voor het vervangend busvervoer?
Vraag 4
Welke verklaring heeft u voor de kostenstijging die het artikel vermeldt?
Vraag 5
Hoe beoordeelt u de verwachting van de NS dat deze kosten nog verder kunnen oplopen,
tot wel € 52 à € 62 miljoen per jaar? Op basis waarvan verwacht de NS deze stijging?
Vraag 6
Deelt u de opvatting dat de NS het vervangend vervoer zo efficiënt mogelijk dient
te organiseren, gezien haar publieke financiering en om de prijs van het treinkaartje
niet onnodig op te laten lopen? Hoe valt dit dan te rijmen met de door de NS verwachte
ruime verdubbeling van de vervoerskosten?
Vraag 7
Klopt het dat de NS heeft gekozen om per 1 januari 2027 al het vervangend vervoer
door slechts één aanbieder uit te laten voeren? Hoe is de NS tot de keuze voor deze
vervoerder gekomen?
Vraag 8
In hoeverre heeft de NS alternatieve, goedkopere aanbieders van vervangend vervoer
overwogen?
Vraag 9
Herkent de Staatssecretaris het in het artikel geschetste beeld dat de vervangende
bussen vaak langdurig stilstaan zonder passagiers, als onderdeel van het verdienmodel
van de vervoerder? Is dit cijfermatig inzichtelijk te maken?
Vraag 10
Hoe borgt de NS de efficiëntie van het vervangend vervoer, teneinde te voorkomen dat
belastinggeld wordt uitgegeven aan lege, stilstaande bussen?
Vraag 11
Klopt het dat NS de hoofdaannemer van het vervangend vervoer een vergoeding per uur
betaalt, terwijl onderaannemers een vergoeding per gereden kilometer krijgen?
Vraag 12
Hoe wordt voorkomen dat de vergoedingsstructuur van de NS voor vervangend busvervoer
prikkels bevat die efficiënt vervangend busvervoer tegenwerken?
Vraag 13
Hoe controleert de NS of het door de hoofdaannemer ingezet vervangend busvervoer wel
doeltreffend was, en dat er zo min mogelijk lege bussen gefinancierd worden?
Indieners
-
Gericht aan
A.W.H. Bertram, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat -
Indiener
Björn Schutz, Kamerlid