Schriftelijke vragen : De financieringsproblemen rond de aanleg van een spoortunnel in Oss en de gevolgen daarvan voor de voorgenomen bouw van circa 3.000 woningen
Vragen van de leden Clemminck en Goudzwaard (beiden JA21) aan de Ministers van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en van Infrastructuur en Waterstaat over de financieringsproblemen rond de aanleg van een spoortunnel in Oss en de gevolgen daarvan voor de voorgenomen bouw van circa 3.000 woningen (ingezonden 14 oktober 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de financieringsproblemen rond de aanleg van een spoortunnel in
Oss en de gevolgen daarvan voor de voorgenomen bouw van circa 3.000 woningen?1
Vraag 2
Klopt het dat voor de aanleg van deze tunnel nog 11,8 miljoen euro aan financiering
ontbreekt? Kunt u aangeven wat de totale geraamde kosten zijn, welke bijdragen het
Rijk, de provincie en de gemeente hebben toegezegd en hoe groot het resterende tekort
is?
Vraag 3
Deelt u de opvatting dat de inzet van het Rijk op woningbouw onvoldoende resultaat
oplevert wanneer noodzakelijke infrastructuur niet wordt gefinancierd? Welke verantwoordelijkheid
neemt u om te voorkomen dat de woningbouw hierdoor vastloopt?
Vraag 4
Deelt u de opvatting dat over veiligheid van rijksinfrastructuur niet onderhandeld
kan worden? Deelt u de mening dat met het uitblijven van de financiering en de bouw
van extra woningen voor de inwoners de spoorweg dwars door de stad met tien gelijkvloerse
spoorkruisingen onveiliger wordt en de gemeente daar niet alleen de verantwoordelijkheid
kan en mag dragen?
Vraag 5
Bent u bereid om met de gemeente Oss en de provincie Noord-Brabant afspraken te maken
over het dichten van het financieringstekort? Zo ja, welke bijdrage en welke termijn
stelt u daarbij voor? Zo nee, op welke gronden wijst u ondersteuning af en welk uitvoerbaar
alternatief biedt u om de woningen alsnog tijdig te realiseren?
Vraag 6
Kunt u een actueel overzicht geven van de besteding van de 7,5 miljard euro die het
Rijk begin 2026 heeft uitgetrokken voor de bereikbaarheid van nieuwe woningen? Welk
deel is daadwerkelijk uitgegeven, welk deel is juridisch verplicht en welk deel is
nog vrij beschikbaar? Zijn middelen verschoven naar andere doelen en, zo ja, hoeveel
en met welke gevolgen voor de woningbouw?
Vraag 7
Welke concrete maatregelen uit het Actieplan Versnelling Woningbouw bieden een oplossing
voor projecten die vastlopen op de financiering van noodzakelijke infrastructuur?
Kunt u per maatregel aangeven welk budget beschikbaar is, wie verantwoordelijk is
voor de uitvoering en wanneer gemeenten daarvan gebruik kunnen maken?
Vraag 8
Hoe verhoudt het uitblijven van een oplossing voor Oss zich tot uw ambitie om jaarlijks
100.000 woningen te realiseren? Hoeveel woningen lopen landelijk vertraging op door
ontbrekende infrastructuurfinanciering en welke concrete besluiten neemt u, samen
met de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, om deze projecten alsnog mogelijk
te maken?
Vraag 9
Kunt u een overzicht opstellen van woningbouwprojecten met meer dan 300 woningen die
dreigen niet door te gaan vanwege een financieringstekort voor noodzakelijke infrastructuur?
Kunt u daarbij per project aangeven om hoeveel woningen het gaat, hoe groot het financieringstekort
is en welke maatregelen u neemt om het project alsnog mogelijk te maken?
Vraag 10
Bent u bereid deze vragen afzonderlijk en vóór het commissiedebat Staat van de Volkshuisvesting
op 28 oktober aanstaande te beantwoorden, zodat de antwoorden bij dat debat kunnen
worden betrokken?
Indieners
-
Gericht aan
V.P.G. Karremans, minister van Infrastructuur en Waterstaat -
Gericht aan
E. Boekholt-O’Sullivan, minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening -
Indiener
Ranjith Clemminck, Kamerlid -
Medeindiener
Maarten Goudzwaard, Kamerlid