Schriftelijke vragen : De demissionaire status van kabinetten.
Vragen van het lid Sneller (D66) aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de demissionaire status van kabinetten (ingezonden 7 oktober 2026).
Vraag 1
Is er een eenduidige definitie of betekenis van het begrip «demissionaire status»?1
Vraag 2
Is er naast het Blauwe Boek een handelingskader bij het opereren van kabinetten in
«demissionaire status» en zo ja, kunt u beschikbare informatie daarover delen met
de Kamer? Zo nee, acht u het wenselijk dat een dergelijk kader wordt opgesteld?
Vraag 3
Kunt u schetsen wat de staatsrechtelijke context is van het begrip «demissionaire
status»?
Vraag 4
Wat is uw visie op regeren in demissionaire status vanuit Nederlandse kabinetten?
Acht u het huidige (handelings)kader bij regeren vanuit demissionaire status afdoende
helder en zo nee, welke mogelijke verbeteringen ziet u?
Vraag 5
Kunt u inzicht verschaffen in het – naar uw inschatting meest vergaande, controversiële
of impactvolle – beleid dat zonder voorhang of andere vorm van formele parlementaire
betrokkenheid demissionair wordt vastgesteld per algemene maatregel van bestuur of
lagere regelgeving?
Vraag 6
Hoe reflecteert u in het licht van de reikwijdte en impact van dit beleid op de demissionaire
bevoegdheden op dit vlak, evenals (het gebrek aan) de grenzen aan die bevoegdheden?
Vraag 7
Is het mogelijk om staatsnoodrecht in te zetten door kabinetsleden in demissionaire
status? Hoe reflecteert u op de demissionaire bevoegdheden op dit vlak, evenals (het
gebrek aan) de grenzen aan die bevoegdheden?
Vraag 8
Vindt u het wenselijk dat hoge en belangrijke publieke benoemingen door kunnen gaan
zonder daar grenzen aan bevoegdheden te stellen in demissionaire status? Welke beperkingen
gelden hiervoor thans in formele of informele zin, en hoe wordt hierover (publiek)
gecommuniceerd?
Vraag 9
Welke andere bevoegdheden kunnen demissionair alsnog door de regering ingeroepen of
ingezet worden?
Vraag 10
Welke conclusies verbindt u aan het feit dat Nederland sinds 2010 ruim een kwart van
de tijd, en in de afgelopen vijf jaar zelfs ruim twee vijfde van de tijd door een
demissionair kabinet is bestuurd? Kunt u in deze beoordeling ook een historisch perspectief
betrekken? Acht u de huidige staatsrechtelijke invulling van de demissionaire status
nog passend bij de frequentie en duur waarmee deze situatie zich voordoet?2
Vraag 11
Herinnert u zich dat voormalig Minister-President Rutte in januari 2021 verklaarde
dat het demissionaire kabinet «mentaal, praktisch, de facto missionair blijft qua
coronabestrijding»? Hoe verhoudt een dergelijke beleidsspecifieke invulling van de
demissionaire status zich tot het uitgangspunt dat een kabinet ofwel «volwaardig»
regeert ofwel demissionair is?3
Vraag 12
Welke kern van waarheid zat er in de grap die – destijds demissionair – premier Rutte
maakte, toen hij zei: «U kunt ons niet meer wegsturen als kabinet. Dus strikt genomen
hebben we nu meer macht dan vóór vorige week vrijdag, zou je gek genoeg kunnen zeggen.»?4
Vraag 13
Welke kern van waarheid schuilt er in de uitspraak van – destijds demissionair – Minister
De Jonge toen hij zei: «Het mooie van demissionair zijn is: hoe langer je het bent,
hoe minder je het wordt.»?5
Vraag 14
Hoe beoordeelt u het huidige kader waardoor beperkingen worden opgelegd aan de «handelingsbevoegdheid»
voor een demissionair kabinet tegen de achtergrond van onder meer de voornoemde bevoegdheden
van een demissionaire regering?
Vraag 15
Hoe verhoudt de Nederlandse «demissionaire status», de bevoegdheden daarbij en de
inkadering van die bevoegdheden (of al dan niet het gebrek daaraan) zich tot die in
andere landen die ook iets als een «demissionaire regering» kennen? Bijvoorbeeld (maar
niet uitsluitend) landen als België en Duitsland, of het caretaker period-model in (voormalige) Gemenebestlanden?
Vraag 16
Hoe verhoudt het Nederlandse verschijnsel van een kabinetsval, demissionair regeren
en de relatief lange periode (laatstelijk 148 dagen) om nieuwe verkiezingen te organiseren
zich tot andere landen met een vergelijkbaar systeem?
Vraag 17
Vindt u het reëel of acht u het wenselijk om het begrip «demissionaire status» en
de (on)bevoegdheden die daarbij horen van een duidelijker (regulerings)kader te voorzien
ten opzichte van de huidige middelen die Kamer en regering hebben om door te regeren,
zoals onderwerpen wel of niet controversieel verklaren?
Vraag 18
Wat is uw visie op de wenselijkheid van het nader inkaderen dan wel wettelijk verankeren
van de begrippen «demissionaire status» en «controversiële onderwerpen» in het staatsrecht,
om willekeur, misbruik of onenigheid op het moment dat het erom spant te voorkomen?
Indieners
-
Gericht aan
P.E. Heerma, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties -
Indiener
Joost Sneller, Kamerlid