Stenogram : Oekraïne
7 Oekraïne
Vergaderjaar 2025-2026
Vergaderingnummer 90
Te raadplegen sinds
2026-10-01Inhoudsopgave
Gerelateerde informatie
Toon alle stukken over dossier36045Toon alle items in vergaderingHandelingen TK 2025-2026, 90
Oekraïne
Aan de orde is het tweeminutendebat Oekraïne (CD d.d. 03/06).
De voorzitter:
Daarvoor geef ik het woord aan mevrouw Van der Werf namens D66.
Mevrouw Van der Werf (D66):
Dank, voorzitter. Ik heb twee moties.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat er nog dagelijks schepen van de Russische schaduwvloot door de Nederlandse EEZ varen;
overwegende dat deze schepen rechtstreeks bijdragen aan de financiering van Russische agressie;
overwegende dat Oekraïne militair momentum heeft en het verder afknijpen van Russische inkomsten juist nu kan bijdragen aan het vergroten van de druk op Rusland;
verzoekt de regering vaart te maken met de aanpak van de schaduwvloot en, vooruitlopend op nationale wetgeving, alle ruimte binnen het internationaal recht te benutten om waar mogelijk eerder al op te treden tegen staatloze, vals gevlagde of anderszins malafide schepen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van der Werf, Van Lanschot, Maes en Piri.
Zij krijgt nr. 297 (36045).
Mevrouw Van der Werf (D66):
Dan de volgende motie.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat een duurzame verankering van Oekraïne in de Europese Unie van groot strategisch, economisch en veiligheidsbelang is voor Europa;
constaterende dat het opstellen en ratificeren van EU-toetredingsverdragen een langdurig proces is dat aanzienlijke voorbereiding vergt;
verzoekt de regering zich er binnen de Europese Unie voor in te zetten dat tijdig, vooruitlopend op een eventuele toetreding van Oekraïne, wordt begonnen met de voorbereiding en opstelling van een toekomstig EU-toetredingsverdrag,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van der Werf en Klos.
Zij krijgt nr. 298 (36045).
Dank u wel, u heeft het gezegd. Het woord is aan de heer Dassen namens Volt. Gaat uw gang.
De heer Dassen (Volt):
Voorzitter. Dit moet ook nog in twee minuten; geweldig. Ik heb twee moties.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het Matra-programma al decennialang bijdraagt aan de versterking van de democratische rechtsstaat, goed bestuur en maatschappelijke organisaties in (potentiële) kandidaat-lidstaten van de Europese Unie;
overwegende dat het versterken van democratie en rechtsstaat in de Europese buurlanden van strategisch belang is voor de veiligheid, stabiliteit en toekomstige uitbreiding van de Europese Unie;
overwegende dat er nog bezuinigingen ingepland staan op het Matra-fonds;
verzoekt de regering niet te bezuinigen op het Matra-fonds,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Dassen en Piri.
Zij krijgt nr. 299 (36045).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat een groot deel van de bevroren Russische centralebanktegoeden zich bevindt bij Euroclear in België, waardoor verdere inzet van deze tegoeden voor Oekraïne juridisch en politiek complex blijft;
overwegende dat het voorstel The Russian Transfer beoogt deze tegoeden onder Europees beheer te brengen, waardoor de Europese Unie meer handelingsperspectief krijgt om deze middelen ten behoeve van Oekraïne in te zetten;
verzoekt de regering de juridische en beleidsmatige mogelijkheden van dit voorstel nader te onderzoeken, en zich in Europees verband actief in te zetten om dit voorstel of vergelijkbare initiatieven te agenderen en te bevorderen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Dassen.
Zij krijgt nr. 300 (36045).
De heer Dassen (Volt):
Ik heb nog één vraag aan de minister. Er gebeurt natuurlijk weer veel op het Oekraïense strijdveld. Vannacht zijn er ook weer veel rakketten afgevuurd op Kiev. Het nadrukkelijke verzoek vanuit Oekraïne is om hen te blijven steunen qua raketinterceptors en om op dit moment extra inspanningen te leveren op dat punt. Ik wil het kabinet aansporen om dat te blijven doen, ook al weet ik dat de minister daar zelf natuurlijk ook druk mee bezig is. Ik hoop dat alles uit de kast wordt getrokken om te zorgen dat we Oekraïne op de goede manier blijven steunen.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan mevrouw Piri namens PRO. Gaat uw gang.
Mevrouw Piri (PRO):
Dank u wel, voorzitter.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
verzoekt de regering om er bij de Verenigde Staten in diplomatieke en politieke contacten op aan te dringen om de sancties tegen Rusland te verstevigen en op te voeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Piri, Van der Werf, Van Lanschot, Dobbe en Dassen.
Zij krijgt nr. 301 (36045).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende het belang van intensieve defensiesamenwerking met Oekraïne voor de veiligheid van Europa;
verzoekt de regering om zich actief in te blijven zetten voor het NAVO-lidmaatschap van Oekraïne,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Piri, Van Lanschot, Van der Werf en Dassen.
Zij krijgt nr. 302 (36045).
Mevrouw Piri (PRO):
Tot slot, voorzitter.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het kabinet stelt dat er regio's in Oekraïne zijn met een relatief lager niveau van geweld, en die aanmerkt als beschermingsalternatief;
overwegende dat Rusland willekeurige raket- en droneaanvallen uitvoert op civiele en energie-infrastructuur en burgerdoelen door heel Oekraïne, inclusief in het westen van het land en Kyiv;
overwegende dat internationale organisaties zoals de VN geen enkele regio in Oekraïne als structureel veilig beoordelen;
verzoekt de regering onder deze omstandigheden geen Oekraïners terug te sturen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Piri, Westerveld en Dassen.
Zij krijgt nr. 303 (36045).
Mevrouw Piri (PRO):
Ik zie dat inmiddels ook de ambassadeur van Oekraïne is binnengekomen. Uiteraard ons welkom aan hem.
De voorzitter:
Dank u wel. In navolging van u heet ik inderdaad de ambassadeur van harte welkom. Meneer Kostin en mevrouw Volkova, fijn dat u er bent.
Het woord is aan mevrouw Dobbe namens de SP.
Mevrouw Dobbe (SP):
Dank u wel.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat er minstens 28 Oekraïense journalisten en mediawerkers onrechtmatig vastzitten in Russische gevangenschap na willekeurige detentie, politiek gemotiveerde vervolging en verzonnen aanklachten in de Oekraïense bezette gebieden;
constaterende dat zij in gevangenschap te maken krijgen met onmenselijke behandeling, marteling en mogelijk de dood;
verzoekt de regering zich in te spannen, waar mogelijk met andere landen, voor vrijlating van deze journalisten en het verkrijgen van meer informatie over hun situatie via bijvoorbeeld de ambassade,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Dobbe.
Zij krijgt nr. 304 (36045).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Frontex waarschuwt voor een Europees veiligheidsrisico omdat Oekraïense en Russische wapens terecht kunnen komen in smokkelnetwerken en criminele handen;
constaterende dat het Tridentproject is opgestart om dit te voorkomen;
verzoekt de regering om aan te sluiten bij het Tridentproject,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Dobbe.
Zij krijgt nr. 305 (36045).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Nederlandse wapens terecht zijn gekomen bij het Russische vrijwilligerskorps, een extreemrechtse militie;
verzoekt de regering om, zowel in nationaal als Europees verband, afspraken te maken met Oekraïne over gebruik, beheer en beveiliging van de geleverde wapens, en deze afspraken ook na levering te controleren;
verzoekt de regering om zich in te spannen om Nederlandse wapens die in verkeerde handen zijn gevallen terug te halen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Dobbe.
Zij krijgt nr. 306 (36045).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat huiselijk geweld in Oekraïne toeneemt;
constaterende dat er al psychosociale hulp wordt geboden aan Oekraïense veteranen maar dat programma's met een integrale aanpak inclusief hulp voor het gezin nog ontbreken;
verzoekt de regering om dergelijke programma's te ondersteunen waar mogelijk, in samenspraak met Oekraïense vrouwenorganisaties, in lijn met VN-resolutie 1325;
verzoekt de regering vrouwenorganisaties te ondersteunen zodat zij meer in kunnen zetten op preventie van huiselijk geweld en bewustwording in Oekraïne,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Dobbe.
Zij krijgt nr. 307 (36045).
Mevrouw Dobbe (SP):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan de heer Van Lanschot namens het CDA.
De heer Van Lanschot (CDA):
Dank, voorzitter. In april nam de Kamer de motie-Van der Werf/Van Lanschot aan. Deze motie verzoekt het kabinet om voor innovatieve Oekraïense antidrone-initiatieven zoals Freedom Sky, die tot stand komen via non-profit-ngo's als Dignitas, voortvarend te bezien hoe deze gefinancierd zouden kunnen worden. Kan de minister in navolging van deze motie toezeggen om met de Oekraïense overheid te verkennen hoe initiatieven zoals deze meegewogen zouden kunnen worden in de NSATU-validatie? Na onze succesvolle deelname aan het Drone Line Initiative, biedt dit Nederland een volgende kans om Oekraïne op innovatieve wijze te steunen en om van Oekraïne te leren.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan de heer De Roon van de PVV. O, hij ziet af van zijn termijn.
Dan krijgt mevrouw Maes van de VVD het woord.
Mevrouw Maes (VVD):
Voorzitter. Tijdens het commissiedebat is uitgebreid gesproken over een momentum voor gesprekken met Rusland. Nu moet ik zeggen dat mijn fractie vol spanning en enigszins verheugd kijkt naar het nieuws van de afgelopen dagen over de Krim, ofwel de luchtcampagne van Oekraïne; dat is een mooi woord, "luchtcampagne". Dit is een heel interessante nieuwe ontwikkeling, evenals de drones die op Moskou en Sint-Petersburg worden afgevuurd. Daarom heb ik een aantal vragen aan de minister. Wat gaan Europese landen doen? En vooral: wat vindt de minister wenselijk? Is er momentum om gesprekken te gaan voeren met Rusland? Hoe kijkt de minister hiernaar? Ziet de minister hierin ook een rol weggelegd voor Europa? Welke dan?
Ik heb eerder al vragen gesteld over de betrokkenheid van Belarus bij de oorlog in Oekraïne. De berichten daarover houden aan: versnelde militarisering inclusief militaire wetgeving, troepenuitbreiding en zelfs mobilisatie van civiele instellingen. Bereiken die berichten de minister ook? Wat doet hij ermee? Is dit onderwerp van gesprek binnen de EU en de NAVO?
De voorzitter:
Dank u wel, mevrouw Maes. Tot slot is het woord aan de heer Dekker van Forum voor Democratie.
De heer Dekker (FVD):
Dank u wel, voorzitter. Nederland heeft opnieuw wapensteun aan Oekraïne toegezegd: een half miljard euro, waarvan 250 miljoen naar kruisraketten die worden gebouwd in Hengelo. Dat is Nederlands belastinggeld, toegezegd door de Nederlandse regering en uitgegeven aan Nederlands fabricaat, met een helder doel: het raken van doelen diep in Russisch grondgebied. Dat is een fundamenteel andere categorie dan de hulp die dit kabinet ons altijd heeft voorgehouden: verdedigingswapens houden een front overeind, maar dat doen deze wapens niet. Dit is een nog verdere escalatie namens Nederland.
Blijven volhouden dat Nederland geen partij is in dit conflict, wordt met deze actie absurd. We zijn hiermee juist volledig bij de oorlog tegen Rusland betrokken. Rusland is niet onze vijand. In plaats van vooroplopen bij NAVO-escalatie tegen Rusland, zouden we bovenal het Nederlands belang moeten dienen. Vijandschap zoeken met de grootste kernmacht ter wereld is niet in het Nederlands belang.
Vandaar de volgende motie.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Nederland voor circa 500 miljoen euro aan wapens aan Oekraïne levert, waaronder in Nederland gebouwde kruisraketten van 250 miljoen euro, bedoeld om doelen diep in Rusland te raken;
overwegende dat het produceren en leveren van offensieve wapens om Rusland op eigen grondgebied te raken, geen steun aan Oekraïne op afstand is, maar actieve deelname aan de oorlog;
stelt vast dat Nederland met deze wapenleveranties feitelijk partij in het conflict is in de oorlog tussen Oekraïne en Rusland;
spreekt uit dat dit niet in het Nederlands belang is,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Dekker.
Zij krijgt nr. 308 (36045).
Dank u wel. Ik schors tot 11.35 uur voor de beantwoording van de minister.
De vergadering wordt van 11.28 uur tot 11.35 uur geschorst.
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering en geef het woord aan de minister.
Minister Berendsen:
Dank u, voorzitter. De motie op stuk nr. 297, over de schaduwvloot, krijgt oordeel Kamer.
De motie op stuk nr. 298: oordeel Kamer.
De motie op stuk nr. 299, van de heer Dassen, over Matra is ontijdig. Wij onderschrijven het belang van het programma. We zijn op dit moment aan het kijken hoe we dat kunnen doen, ook in het kader van de begroting. Ik zou dus aan de heer Dassen willen vragen de motie aan te houden.
De voorzitter:
Eén vervolgvraag, meneer Dassen.
De heer Dassen (Volt):
Op verzoek van de minister houd ik 'm aan.
De voorzitter:
Op verzoek van de heer Dassen stel ik voor zijn motie (36045, nr. 299) aan te houden.
Daartoe wordt besloten.
De motie op stuk nr. 300.
Minister Berendsen:
De motie op stuk nr. 300 geef ik oordeel Kamer, maar wel met de interpretatie dat de opties financieel en juridisch houdbaar moeten zijn, dat de risico's gezamenlijk gedragen moeten worden en dat het in nauwe samenwerking met de G7 zou moeten zijn. Ik geef ook de winstwaarschuwing af dat het krachtenveld hierover in Europa verdeeld is. Maar het is duidelijk dat we hierop blijven inzetten.
De voorzitter:
Héél kort, meneer Dassen.
De heer Dassen (Volt):
Die waarschuwing snap ik, maar dit is natuurlijk een plan dat nu steeds meer aandacht krijgt. Mijn verzoek aan het kabinet is om zich ervoor in te spannen dat dat verder wordt gebracht, natuurlijk wel met alle waarborgen die de minister schetst.
Minister Berendsen:
Ja.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 301.
Minister Berendsen:
De motie op stuk nr. 301: oordeel Kamer.
De motie op stuk nr. 302: oordeel Kamer.
De motie op stuk nr. 303 is ontijdig. Er is op dit moment ook een commissiedebat aan de gang met de minister van Asiel en Migratie.
De voorzitter:
Dus het verzoek is of mevrouw Piri de motie aanhoudt? Ja, dat is het verzoek. Eén interruptie, mevrouw Piri.
Mevrouw Piri (PRO):
Zo makkelijk gaat deze minister daar niet mee wegkomen. Er is inderdaad een commissiedebat gaande, maar dat is afgelopen voordat we gaan stemmen. Er is geen mogelijkheid meer, begreep ik, voor een tweeminutendebat over dat commissiedebat. Ik vind het prima als de minister nu geen oordeel over deze motie kan geven, maar dat oordeel ontvangen we gewoon graag voor de stemmingen.
De voorzitter:
Minister, kunt u dat toezeggen?
Minister Berendsen:
Dat kan ik toezeggen.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 304.
Minister Berendsen:
De motie op stuk nr. 304: oordeel Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 305.
Minister Berendsen:
De motie op stuk nr. 305 krijgt oordeel Kamer, als ik 'm zo mag interpreteren dat we verkennen om ons aan te sluiten. Dit is een initiatief van drie lidstaten, dat net bestaat. Dat wil ik graag verkennen. Het is wellicht net wat te vroeg om nu uit te spreken dat we ons hierbij gaan aansluiten, maar als we dit kunnen afspreken, krijgt de motie oordeel Kamer.
De voorzitter:
Kan mevrouw Dobbe leven met die interpretatie?
Minister Berendsen:
En dan geven we daar een terugkoppeling op. Helemaal goed!
De voorzitter:
Ja, mevrouw Dobbe kan leven met die interpretatie. De minister zegt daar ook nog eens een terugkoppeling van toe.
Minister Berendsen:
Ja.
De motie op stuk nr. 306 ontraden we. Dit hebben we al vaak besproken. Er zijn duidelijke afspraken met Oekraïne. Wij doen niet aan exportcontrole op post.
De motie op stuk nr. 307 krijgt oordeel Kamer, mits we kunnen onderzoeken hoe we dit in de bestaande inzet kunnen doen.
De voorzitter:
Ja, mevrouw Dobbe knikt.
Minister Berendsen:
De motie op stuk nr. 308 is een spreekt-uitmotie.
Voorzitter, dat waren de moties. Er zijn ook nog een aantal vragen gesteld, waar ik kort op zal antwoorden.
Mevrouw Maes vroeg naar het vredesproces. Op dit moment zien we niet dat Rusland bereid is om serieus aan tafel te gaan zitten, dus dat betekent dat de steun aan Oekraïne en het opvoeren van de druk op Rusland belangrijk zijn. Natuurlijk is het zo dat als er gesprekken gevoerd worden, wij daar belang bij hebben en Europa dus ook aan tafel moet zitten. Maar ik wil daar altijd wel bij opmerken dat de reden dat wij in Europa zijn gaan spreken over wie ons zou moeten gaan vertegenwoordigen, was dat Poetin voorstelde om Schröder beschikbaar te stellen. Toen zijn wij met z'n allen die discussie aangegaan. Ik zou dus wel een beetje terughoudend willen zijn in die publieke discussie, maar natuurlijk zetten we in op het Europese belang.
Voorzitter. Mevrouw Maes vroeg ook naar de situatie in Belarus. Natuurlijk houden we die situatie in de gaten. Daar hebben we zorgen over. Het is belangrijk dat de oorlog stopt en juist niet escaleert met nieuwe fronten. Dit is inderdaad ook onderwerp van gesprek binnen de NAVO. Dit zal volgende week besproken worden tijdens de top.
De heer Van Lanschot vroeg om een toezegging. Ik wil graag toezeggen dat we dit verder gaan verkennen. Tegelijkertijd is het uiteindelijk aan Oekraïne om aan te geven wat hun primaire noden zijn. Zij gaan over hun nodenlijst. Maar natuurlijk is dit een onderwerp dat we verder verkennen, omdat we daar ook de potentie van zien.
De heer Dassen vroeg naar de afschuwelijke aanvallen die we vannacht weer gezien hebben. De luchtverdediging is een prioriteit in het Nederlandse militaire steunbeleid, ook gezien onze deelname aan het PURL-programma en het PURL-pakket. Denk ook aan de 250 miljoen voor drones die juist bedoeld zijn voor de luchtverdediging. We blijven hierop inzetten, want we zien dat dit absoluut nodig is om de burgers in Oekraïne te beschermen.
De voorzitter:
Mevrouw Piri is haar benen aan het strekken.
Mevrouw Piri (PRO):
Zeker, voorzitter.
De voorzitter:
O, u heeft een interruptie? Nou vooruit, de tijd staat het toe.
Mevrouw Piri (PRO):
Dank u wel, voorzitter. We waren heel snel, toch?
De voorzitter:
Zeker. Daarom sta ik het u ook toe.
Mevrouw Piri (PRO):
Oké. Hartelijk dank. De minister refereerde net zelf al aan de afschuwelijke aanval van vannacht. Ik begrijp inmiddels van de ambassadeur dat het dodenaantal en het aantal slachtoffers nog vele malen hoger is dan vanmorgen in het nieuws was. We zagen in de afgelopen dagen weer enorme aanvallen op de energie-infrastructuur in het westen. Ik vraag deze minister of er volgens hem relatief veilige gebieden in Oekraïne zijn.
Minister Berendsen:
We zien inderdaad op allerlei plekken aanvallen, zeker op Kiev. We hebben afschuwelijke aanvallen gezien, maar om de vraag te beantwoorden: ja, er zijn plekken in Oekraïne die veiliger zijn dan andere plekken.
De voorzitter:
Meneer Dassen strekt ook zijn benen en interrumpeert.
De heer Dassen (Volt):
Het antwoord van de minister verbaast mij enigszins, zeker omdat hij net ook refereert aan de aanvallen die in Kiev hebben plaatsgevonden. In zijn antwoord geeft hij aan dat sommige plekken veiliger zijn dan andere. Als een land in oorlog is, vind ik het best wel lastig als er wordt gezegd dat er ook wat veiligere plekken zijn. Volgens mij is het heel duidelijk dat er in Oekraïne geen veilige plek is; dat wordt vanuit Oekraïne gecommuniceerd, maar we lezen dit ook zelf. Dat wordt daar ook aangegeven. Hoe moeten we dit antwoord dat er "veiligere plekken zijn dan andere" dan duiden? Dat kan nog steeds betekenen dat er geen veilige plekken zijn.
Minister Berendsen:
Dit debat wordt volgens mij nu op een andere plek gevoerd. Dat heeft alles te maken met de brief van de minister van AenM. Ik heb mijn antwoord net gegeven. De specifieke discussie die hierover gaat, vindt op dit moment ergens anders plaats.
De voorzitter:
Daarmee zijn we aan het einde gekomen van dit tweeminutendebat. Ik dank de minister voor zijn aanwezigheid in de Kamer en ik wens hem, als ik hem niet meer zie, een heel goed zomerreces toe.
De beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter:
De vergadering is geschorst, in principe tot 11.55 uur of tot zoveel eerder als mogelijk.
De vergadering wordt van 11.42 uur tot 11.49 uur geschorst.