Stenogram : Milieuraad d.d. 25 juni 2026
4 Milieuraad d.d. 25 juni 2026
Vergaderjaar 2025-2026
Vergaderingnummer 86
Te raadplegen sinds
2026-09-21Inhoudsopgave
Gerelateerde informatie
Toon alle stukken over dossier21501-08Toon alle items in vergaderingHandelingen TK 2025-2026, 86
Milieuraad d.d. 25 juni 2026
Aan de orde is het tweeminutendebat Milieuraad d.d. 25 juni 2026 (21501-08, nr. 1033).
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Aan de orde is het tweeminutendebat Milieuraad. Ik heet de leden van de Kamer en de minister in vak K welkom. Ik ga als eerste het woord geven aan de heer Jansen. Gaat uw gang.
De heer Chris Jansen (PVV):
Dank, voorzitter. Ik zou graag via u aan de leden willen vragen of ik kan deelnemen aan het debat met nul minuten spreektijd.
De voorzitter:
Ik ga eens even om mij heen kijken. Nou, dat wordt met enthousiasme ontvangen. Welkom.
Dan gaan we nu luisteren naar het lid Kostić. Zij spreekt namens de Partij voor de Dieren. Gaat uw gang.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Dank.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Kamer de motie-Kostić (21501-08, nr. 1020) heeft aangenomen om te borgen dat vereenvoudigingen in de Europese wet- en regelgeving niet leiden tot extra schade aan gezondheid, natuur en milieu;
constaterende dat de Kamer met de motie-Bromet c.s. (22112, nr. 4335) al heeft aangegeven betrokken te willen worden bij belangrijke stemmingen over Omnibussen;
overwegende dat de Kamer te allen tijde in de positie moet zijn om ook de kosten, baten en risico's die voortvloeien uit de Milieuomnibus integraal af te wegen op basis van wetenschappelijke inzichten;
verzoekt de regering om de Kamer actief op de hoogte te houden van de ontwikkelingen, en voorafgaand aan belangrijke stemmingen over de Milieuomnibus aan de Kamer een definitief beslismoment voor te leggen, zodat zij de voor- en nadelen integraal kan afwegen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Kostić en Zalinyan.
Zij krijgt nr. 1036 (21501-08).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Kamer de motie-Kostić (21501-08, nr. 1020) heeft aangenomen om te borgen dat vereenvoudigingen in de Europese wet- en regelgeving niet leiden tot extra schade aan gezondheid, natuur en milieu;
constaterende dat de onafhankelijke Commissie mer heeft geconstateerd dat de Milieuomnibus waarschijnlijk een achteruitgang betekent voor de bescherming van het milieu;
verzoekt de regering om zich voor nu aan te sluiten bij de blokkerende minderheid bij de positiebepaling over de Milieuomnibus,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Kostić en Zalinyan.
Zij krijgt nr. 1037 (21501-08).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Kamer de motie-Bromet/Kostić (22112, nr. 4349) heeft aangenomen om bij de Food and Feed Omnibus gerichte voorstellen te doen die Nederland in staat stellen de KRW-doelen sneller te behalen;
verzoekt de regering om zich er bij de Milieuomnibus voor in te zetten dat voorstellen bijdragen aan het sneller behalen van de bestaande doelen van de Kaderrichtlijn Water,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Kostić en Zalinyan.
Zij krijgt nr. 1038 (21501-08).
Kamerlid Kostić (PvdD):
Ik wil benadrukken waar we het eigenlijk over hebben: een plan vanuit Brussel om ervoor te zorgen dat de regels die onze gezondheid en het milieu beschermen, worden afgezwakt. Dat gebeurt met een noodgang, zonder zorgvuldige processen, zonder een zorgvuldig debat, zonder wetenschappelijke toetsing. Wat je er verder ook van vindt, volgens mij kunnen we dat niet laten gebeuren. Er is een blokkerende minderheid tegen deze Omnibus, want andere landen zijn wel verstandig. Ik roep de staatssecretaris op: sluit je daarbij aan; dat biedt je uiteindelijk meer ruimte om het uiteindelijk misschien beter te maken.
De voorzitter:
Dank u wel. Net zei ik "welkom aan de minister", maar ik bedoelde natuurlijk "welkom aan de staatssecretaris". Nog steeds van harte welkom. We gaan nu luisteren naar mevrouw Zalinyan. Zij spreekt namens de fractie van PRO. Gaat uw gang.
Mevrouw Zalinyan (PRO):
Eén motie, voorzitter.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat er nog veel onduidelijk is over de voorstellen vanuit de Europese Commissie ten aanzien van de mogelijke herziening van de KRW;
overwegende dat herziening van de KRW grote gevolgen kan hebben voor de maatschappelijke kosten ten aanzien van drinkwater, biodiversiteit en gezondheid;
verzoekt de regering om tijdens de Milieuraad niet akkoord te gaan met onomkeerbare stappen ten aanzien van de herziening van de KRW zolang onvoldoende duidelijk is wat de gevolgen zijn voor de waterkwaliteit en voordat de Kamer hierover geïnformeerd is,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Zalinyan, Bromet en Kostić.
Zij krijgt nr. 1039 (21501-08).
Mevrouw Zalinyan (PRO):
Dank.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan gaan we tot slot luisteren naar mevrouw Zwinkels. Zij spreekt namens de fractie van het CDA. Gaat uw gang.
Mevrouw Zwinkels (CDA):
Dank u wel, voorzitter. Dank aan de staatssecretaris voor de beantwoording in het schriftelijk overleg. We onderschrijven de inzet van het kabinet bij de Milieuomnibus en we onderschrijven de Nederlandse inzet die zich erop richt dat vereenvoudiging niet mag leiden tot extra schade aan gezondheid, natuur en milieu.
Ik heb nog één aanvullende vraag over een ander belangrijk onderwerp, namelijk de zogenaamde Packaging and Packaging Waste Regulation, waarin onder andere de regels rondom wegwerpbekers en herbruikbare bekers zijn opgenomen. Kan de staatssecretaris aangeven wat daarop de Nederlandse inzet is en hoe dit traject er in Brussel en in Nederland uit zal zien? Wat mij betreft hoeft de staatssecretaris dat niet te doen in dit debat, want ik snap dat hij daar niet zelf over gaat, maar het zou goed zijn als we dat nog wel voor het commissiedebat over circulaire economie van volgende week ontvangen.
De voorzitter:
Dank u wel. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de termijn van de Kamer. De staatssecretaris heeft aangegeven enkele minuten nodig te hebben voor de voorbereiding van de appreciaties. Ik schors voor enkele ogenblikken. Blijf in de buurt.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Aan de orde is het tweeminutendebat Milieuraad. We zijn toegekomen aan de termijn van het kabinet. Ik geef daartoe de staatssecretaris van harte het woord. Gaat uw gang.
Staatssecretaris Bertram:
Voorzitter, dank u wel. Eén vraag van mevrouw Zwinkels over de Nederlandse inzet. Ik zal mijn collega van KGG hierover informeren. Volgende week heeft u een debat, dus volgens mij is dat een mooi moment om dat met haar te bespreken.
Dan de drie moties. De eerste motie, die op stuk nr. 1036, krijgt oordeel Kamer. Ik zou daar wel twee dingen bij willen zeggen. BZ heeft natuurlijk het eigen informatiekader afgesproken met de Kamer. Ik beschouw het als een inspanningsverplichting, want iedereen weet dat het met die trilogen heel erg snel kan gaan of juist met wat meer tijd. Dus als ik dit als inspanningsverplichting op me kan nemen, dan is het "oordeel Kamer".
De voorzitter:
Ik zie het lid Kostić knikken, dus met deze interpretatie krijgt deze motie op stuk nr. 1036 oordeel Kamer. Nu de motie op stuk nr. 1037.
Staatssecretaris Bertram:
De motie op stuk nr. 1037 is ontraden. Zoals ik in mijn brief heb geschreven, is onze positie dat we ons onthouden. Ik heb die quickscan met u afgesproken en daar houd ik me ook aan. Zodra hij er is, gaat hij dus naar de Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 1037 wordt ontraden. Dat geeft aanleiding tot één vraag van het lid Kostić.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Poeh. Waarom wachten op die quickscan als we weten dat die Commissie mer al kritisch is over de Milieuomnibus op het gebied van milieu? En als we dus weten dat er een blokkerende minderheid is van landen die ook zeggen dat dit echt niet goed gaat, als we weten dat de staatssecretaris en het parlement straks sowieso buitenspel staan ... Als we nu onze positie bepalen, is er weinig schuifruimte vanuit onze kant; dan is het allemaal vooral in de handen van het Europees Parlement. Waarom niet nu gewoon zeggen dat we ons aansluiten bij de blokkerende minderheid?
Staatssecretaris Bertram:
Ik zie dat net een beetje anders. Ik heb met uw Kamer afgesproken dat ik met een quickscan zou komen. Daar houd ik me ook aan. Daarom heb ik de collega's van het kabinet ook gevraagd om ermee in te stemmen dat wij ons nu onthouden. Als je kijkt naar het proces: het Europees Parlement moet nog aan bod komen, de Raad van Europa moet nog aan de orde komen. Onder het Ierse voorzitterschap starten dan op enig moment de trilogen en dan heb ik met u dat debat kunnen hebben over de quickscan.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 1037 wordt ontraden. Nu de derde motie, die op stuk nr. 1038.
Staatssecretaris Bertram:
De motie op stuk nr. 1038 wordt ontraden, omdat de Kaderrichtlijn Water geen onderdeel is van de Milieuomnibus. Laat ik wel zeggen, ook namens de minister van IenW, dat wij, gelet op de ligging van ons land, natuurlijk juist enorm veel baat hebben bij maatregelen die in dat kader genomen worden.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 1038 wordt ontraden.
Staatssecretaris Bertram:
De vierde motie, die op stuk nr. 1039, is wat mij betreft overbodig. We krijgen hiervoor nog het traject van het BNC-fiche. Dan komt er ook een gesprek met de Kamer. We vermoeden dat dat zo'n beetje in het najaar zal zijn.
De voorzitter:
Eén vraag.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Over die laatste motie van mij. Ik snap niet dat de staatssecretaris die ontraadt, want ...
Staatssecretaris Bertram:
Ik heb gezegd "overbodig". Sorry, heb ik het verkeerd gezegd?
De voorzitter:
Ik denk dat we allemaal "ontraden" hebben gehoord waar u "overbodig" bedoelde.
Staatssecretaris Bertram:
Excuus, dan is dat mijn fout.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Dat snap ik ook niet helemaal. Wat wij hier namelijk mee markeren als parlement, en dan zou ik eerder oordeel Kamer verwachten, is dat het resultaat van die Omnibus niet ertoe mag leiden dat de doelen van de Kaderrichtlijn Water verder weggaan, maar dat we die juist moeten versnellen. Volgens mij is dat dan juist een mooie markering vanuit de Kamer. Ik snap niet waarom de staatssecretaris nu niet zegt: oké, oordeel Kamer.
Staatssecretaris Bertram:
Ik vind overbodig verstandiger omdat we een traject hebben afgesproken, namelijk een BNC-fiche. Dat gaat erover. Er komt ook een gesprek met de Kamer. Dat komt in het najaar. Vandaar dat ik op dit moment zeg: overbodig.
De voorzitter:
De vierde motie, die op stuk nr. 1039.
Staatssecretaris Bertram:
Dat was 'm.
De voorzitter:
Volgens mij wachten we nog op een appreciatie van die vierde motie, die op stuk nr. 1039.
Staatssecretaris Bertram:
Nee ... Excuus. Zal ik het nog even herhalen? Dus de eerste motie, die op stuk nr. 1036, kreeg oordeel Kamer. De motie op stuk nr. 1037 was ontraden. De motie op stuk nr. 1038 was ontraden, omdat de Kaderrichtlijn Water geen onderdeel is van de Milieuomnibus. En deze laatste is overbodig.
De voorzitter:
Oké, dan is de derde motie, die op stuk nr. 1038, dus ontraden, met dezelfde toelichting als die we daarnet al gehad hebben. De vierde motie, die op stuk nr. 1039, is overbodig.
Ik ga nu alleen mevrouw Zalinyan, als indiener van die motie, nog de gelegenheid geven tot het stellen van een vraag.
Mevrouw Zalinyan (PRO):
Kunnen wij alsnog een overzicht krijgen van wat er allemaal, met welk onderdeel, naar ons toe komt? Want dan kunnen wij die beoordeling maken. De motie dient ertoe dat wij op tijd weten wanneer wij aan de rem kunnen trekken of wanneer wij aan meningsvorming kunnen doen. Kunt u een overzicht leveren?
Staatssecretaris Bertram:
Gaat dit over de motie op stuk nr. 1038, over de Kaderrichtlijn Water? Check. Of niet?
De voorzitter:
Ik hoop dat het over de motie op stuk nr. 1039 gaat. Dat is de motie van mevrouw Zalinyan.
Staatssecretaris Bertram:
Ja, dat kan zeker. Ik kan u zeker toezeggen dat we aangeven via welke stappen we uiteindelijk via dat BNC-fiche bij de Kamer uit komen.
De voorzitter:
Dus dit is een toezegging, maar de appreciatie van de motie blijft "overbodig".
Staatssecretaris Bertram:
Zeker, zeker, ja.
De voorzitter:
Dan is er volgens mij nog een vraag van mevrouw Zwinkels naar aanleiding van de beantwoording van een gestelde vraag.
Mevrouw Zwinkels (CDA):
Ja, dat klopt. Fijn om te weten dat er aandacht aan wordt besteed, maar ik zou het ook fijn vinden dat er niet alleen wordt verwezen naar het commissiedebat van volgende week, maar dat de staatssecretaris deze vraag van mij ook alvast doorgeleidt naar de minister. Is ze bereid om dat te doen? Dat zou ik erg prettig vinden, want dit raakt ook echt de Milieuraad. Daar zijn de minister en staatssecretaris wisselend bij aanwezig.
Staatssecretaris Bertram:
Dat zal ik doen.
De voorzitter:
Daarmee heeft u een toezegging en zijn wij aan het einde gekomen van dit tweeminutendebat.
De beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter:
Wij stemmen aanstaande dinsdag over de ingediende moties. O, we stemmen zo meteen. Excuus, ook ik begin het warm te krijgen als voorzitter. Ik schors voor een halfuur, waarna we dus gaan stemmen om 14.05 uur.
De vergadering wordt van 13.34 uur tot 14.05 uur geschorst.
Voorzitter: Van Campen