Motie : Motie van het lid Tseggai over de aanbevelingen van de commissie-Thodé voortvarend blijven uitvoeren
36 800 IV Vaststelling van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026
Nr. 75
MOTIE VAN HET LID TSEGGAI
Voorgesteld 9 september 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat er nog steeds onredelijke verschillen zijn op het gebied van bestaanszekerheid
tussen Europees en Caribisch Nederland;
constaterende dat de commissie-Thodé concrete aanbevelingen heeft gedaan die nog niet
allemaal opgevolgd zijn;
overwegende dat het kabinet 30 miljoen euro heeft gereserveerd voor het betaalbaar
maken van het leven in Caribisch Nederland, maar het de vraag is of dit voldoende
is om de aanbevelingen van de commissie-Thodé uit te voeren;
verzoekt de regering om de aanbevelingen van de commissie voortvarend uit te blijven
voeren, en voor het einde van het jaar een stand van zaken van deze uitvoering aan
de Kamer te doen toekomen en daarbij aan te geven of hiervoor extra middelen nodig
zijn,
en gaat over tot de orde van de dag.
Tseggai
Indieners
Mikal Tseggai, Kamerlid
Appreciatie (oordeel)
Ontijdig
De minister of staatssecretaris vindt dat een motie te vroeg komt. Bijvoorbeeld omdat er nog een onderzoek loopt of omdat er nog een ander debat komt over het onderwerp van de motie. De bewindspersoon vraagt de indiener om de motie ‘aan te houden’: te wachten met stemming over de motie. Wil de indiener dat niet, dan stemt de Kamer alsnog.