Verslag van een werkbezoek : Verslag van deelname aan de Nederlandse Koninkrijk delegatie bij de 14e WTO Ministeriële Conferentie van een delegatie van de vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, 26 tot en met 28 maart 2026
25 074 Ministeriële Conferentie van de Wereldhandelsorganisatie (WTO)
Nr. 204
VERSLAG VAN EEN WERKBEZOEK
Vastgesteld 3 september 2026
Twee leden van de vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
hebben van 26 t/m 28 maart 2026 namens de commissie deelgenomen aan de Nederlandse
Koninkrijk delegatie bij de 14e Ministeriële Conferentie van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) in Yaoundé, Kameroen.
De Tweede Kamer delegatie bestond uit het lid Bamenga (D66) en het lid Kröger (PRO).
De 14e Ministeriële Conferentie van de WTO (MC14) vond plaats van 26 tot en met 30 maart
2026. De delegatie van Nederland bij deze conferentie, onder leiding van de Minister
voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, bestond naast de Kamerleden
uit een delegatie uit Curaçao, vertegenwoordigers van VNO-NCW en de NGO Both Ends
namens het maatschappelijk middenveld, en ambtenaren en diplomaten van het Ministerie
van Buitenlandse Zaken.
Hieronder volgt een weergave van de activiteiten van de delegatie tijdens de Ministeriële
Conferentie.
De voorzitters van de delegatie, Bamenga Kröger
De EU-adviseur van de delegatie, Van Vliet
Delegatie-overleggen en onderhandelingsrondes
De Kamerleden waren aanwezig bij de openingsceremonie van de WTO, waar onder andere
het gastland Kameroen en de Directeur-Generaal van de WTO, Ngozi Okonjo-Iweala, opriepen
tot het voortzetten van het werk van MC13 en het aanpakken van de uitdagingen en kansen
van de WTO, zoals geschillenbeslechting, digitale diensten en AI. Ook benadrukten
zij wat de WTO nog steeds betekent voor internationale handel.
Tijdens MC14 vonden verschillende onderhandelingsrondes plaats. De leden waren aanwezig
bij de onderhandelingen over de «Overeenkomst inzake investeringsbevordering voor
ontwikkeling» (IFDA). Hier hoorden zij de verklaringen van de verschillende WTO-landen
aan.
Gedurende de conferentie werden de Kamerleden dagelijks via delegatieoverleggen en
gesprekken met Buitenlandse Zaken op de hoogte gehouden van de stand van zaken van
de WTO-onderhandelingen. Onder andere de Minister van BHO en onderhandelaars namens
het Ministerie van Buitenlandse Zaken schetsten een beeld van hoe deze onderhandelingen
in zijn werk gaan, het krachtenveld, de onderwerpen op de agenda en de inzet van Nederland. De verwachtingen over de uitkomsten van de conferentie waren niet hooggespannen en
het was volgens de onderhandelaars zaak creatief om te gaan met de uitdagingen van
de WTO om toch resultaten te bereiken.
Side event paneldiscussie over industrieel beleid
Nederland organiseerde samen met Duitsland een paneldiscussie over industrieel beleid.
Er waren deelnemers uit Japan, Costa Rica, de Europese Commissie, VNO-NCW en de Duitse
industrie. De Minister van BHO nam ook deel. De sprekers gingen onder andere in op
industriële subsidies en het herstel van een gelijk speelveld. Volgens de sprekers
moeten de regels van het multilaterale handelssysteem beter aansluiten bij de wereld
van vandaag en komen marktverstorende industriële subsidies niet overeen met de WTO-regels.
Side event Advisory Centre on WTO Law (ACWL)
Nederland organiseerde ook een side-event om donoren aan te trekken voor het Advisory Centre on WTO Law (ACWL). Het ACWL verleent kosteloze juridische diensten aan ontwikkelingslanden. De
Minister van BHO opende dit event en stelde dat ACWL de WTO toegankelijker maakt voor
ontwikkelingslanden. Vervolgens bespraken Ministers en sprekers uit Barbados, Colombia,
Ghana en Peru wat de ACWL voor hun landen betekende.
De Kamerleden hadden later een gesprek met de directeur van ACWL, waar hij de rol
van de organisatie verder toelichtte. ACWL helpt ontwikkelingslanden de WTO te gebruiken
om zo door handel hun ontwikkeling te vergroten. Het geeft juridisch advies, ondersteunt
in geschillenbeslechting en geeft trainingen voor capaciteitsopbouw.
IISD Trade and Sustainability Hub
De Kamerleden volgden verschillende sessies van de Trade and Sustainability Hub van het International Institute for Sustainable Development (IISD). Hier kwamen sprekers van zowel binnen als buiten de overheid van de verschillende
WTO-leden bijeen om te praten over de uitdagingen van handelsbeleid en duurzame ontwikkeling.
Deze sessies gingen onder andere over de uitstoot van broeikasgassen in relatie tot
handel en over een handelssysteem dat werkt aan een inclusieve en duurzame toekomst.
Bilaterale gesprekken
De Kamerleden gingen ook in gesprek met verschillende betrokkenen. Zo spraken zij
met een vertegenwoordiger van het Wereldnatuurfonds die opriep tot meer gesprekken
tussen NGO’s, regeringen en bedrijven en het meenemen van de natuur in de onderhandelingen.
Daarnaast spraken de Kamerleden met een vertegenwoordiger van de Land- en Tuinbouworganisatie
(LTO), een lid van het Europees Parlement en vertegenwoordigers van Both Ends en VNO-NCW.
Ook waren de leden aanwezig bij een persconferentie georganiseerd door aanwezige NGO’s.
De bilaterale gesprekken gingen onder andere over duurzaamheid, industriële subsidies,
het e-commerce moratorium, plurilaterale overeenkomsten, maatschappelijk verantwoord ondernemen
en WTO-hervormingen.
Bilateraal programma Kameroen
Naast MC14 hadden de Kamerleden ook diverse gesprekken en bijeenkomsten in het kader
van de situatie in gastland Kameroen.
Zo spraken zij met de Nederlandse ambassadeur over de politieke, economische en veiligheidssituatie
in Kameroen. Daarnaast hadden zij een gesprek met Greenpeace Africa en het Center for Environment and Development waar ze spraken over de relatie tussen ontbossing, mijnen en duurzaamheid, maatschappelijke
ruimte (civic space) in Kameroen, en de invloed van nationale politiek, veiligheid en geopolitieke spelers
op het werk van NGO’s in Kameroen.
Bij het United Nations Development Programme (UNDP) werden de Kamerleden bijgepraat over de inzet van de VN op stabiliteit en
veiligheid in Kameroen en de economische, politieke en humanitaire uitdagingen die
in Kameroen spelen. Nederland draagt bij aan het stabilisatie- en veiligheidsprogramma
van UNDP. UNDP zet zich in Kameroen in voor toegang tot het recht, landbouw, handel
en toegang tot essentiële diensten.
Ook was er een sessie met de nationale koffie- en cacaosector en ontwikkelingsorganisaties
die zich hiervoor inzetten, waaronder de Duitse organisatie GIZ. De sector sprak over
de link tussen handel en ontwikkelingssamenwerking, duurzaamheid, waardeketens, prijsschommelingen
van hun producten, klimaatverandering en weerbaarheid. Verder werd ingegaan op het
SAFE-project tegen ontbossing, wat gesteund wordt door de EU, Duitsland en Nederland.
Resultaten van de conferentie
MC14 heeft tot slechts een zeer beperkt aantal uitkomsten geleid door een gebrek aan
consensus onder de WTO-leden. Er werd ook geen ministeriele verklaring aangenomen,
wat normaal gebruikelijk is. De multilaterale uitkomsten die wel in Yaoundé zijn aangenomen,
zijn het besluit om de onderhandelingen over het beperken van schadelijke visserijsubsidies voort
te zetten met als doel om deze bij de volgende conferentie (MC15) af te ronden, en
twee verklaringen die afspraken bevestigen die dienen om ontwikkelingslanden te helpen bij hun integratie
in het multilaterale handelssysteem.
Tegelijkertijd is op een aantal belangrijke onderwerpen geen consensus bereikt, zoals
over een WTO-hervormingsplan en over de verlenging van het moratorium voor invoerheffingen
op elektronische transmissies (het e-commerce moratorium). De onderhandelingen hierover
zullen in Genève worden voortgezet. Ook werd geen consensus bereikt voor een gemeenschappelijke
verklaring rond het aannemen van een WTO-werkprogramma voor onderhandelingen over
hervormingen in landbouwafspraken. De onderhandelingen hierover zullen ook in Genève
doorgaan.
Tijdens MC14 zijn door een aantal WTO leden twee verklaringen aangenomen over zogenaamde
plurilaterale WTO-akkoorden, dat wil zeggen akkoorden waar (vooralsnog) slechts een
deel van de WTO leden zich bij aansluit. Dit gaat om de Investment Facilitation for Development Agreement (IFDA) en het E-commerce Agreement (ECA). IFDA werd door alle landen gesteund behalve India. ECA werd door 66 WTO-leden
gesteund, waaronder de EU.
Bijlage
Reacties EU-instellingen en Nederland op uitkomsten WTO Ministeriële Conferentie
Europese Commissie
De Europese Commissie betreurt dat de WTO-leden op dit cruciale moment voor het wereldwijde handelssysteem
niet in staat bleken consensus te bereiken over belangrijke onderwerpen zoals de hervorming
van de WTO en het e-commerce moratorium. Over beide onderwerpen wordt verder gesproken
door de WTO General Council in Genève, het hoogste besluitvormingsorgaan binnen de WTO.
Volgens de Commissie reflecteert deze uitkomst echter niet de wel degelijk sterke
en breed gedragen oproep van WTO-leden voor hervormingen. De EU zal zich blijven inzetten
voor een hervormingsagenda, met gelijkgestemde WTO-leden. De EU heeft samen met leden
van de Comprehensive and Progressive Trans-Pacific Partnership (CPTPP), waaronder Canada, Japan, Australië en het VK, een gezamenlijke ministeriele verklaring uitgebracht waarin zij steun voor de WTO en samenwerking voor hervorming uitspreken.
Ook steunen beide blokken een lange termijn oplossing voor het verlengen van het e-commerce
moratorium. Tenslotte benadrukten de EU en de CPTPP de noodzaak van grotere deelname
aan de Multi-Party interim- Appeal Arbitration Arrangement (MPIA), de tijdelijke regeling met verschillende partijen inzake beroep en arbitrage,te
stimuleren.
De Commissie benadrukt ook de voortgang die wél is geboekt met verschillende plurilaterale
initiatieven, als alternatief voor consensus onder alle 166 WTO-leden.
Raad
In haar conclusies bij aanvang van MC14 benadrukte de Raad de steun voor een «open, eerlijk en op regels
gebaseerd multilateraal handelsstelsel» met een gemoderniseerde WTO als kern. Volgens
de Raad zijn de stabiliteit en voorspelbaarheid van een op regels gebaseerd multilateraal
handelsstelsel meer dan ooit urgent vanwege de steeds verder versnipperde economische
orde. De EU-lidstaten vrezen dat de relevantie van de WTO afneemt zonder diepgaande
en brede hervorming, en dat daarmee het op regels gebaseerde mondiale handelsstelsel
verder wordt uitgehold.
De Raad pleit, net als de delegatie van de EU bij de WTO, voor een hervormingsproces van de WTO bestaande uit drie pijlers: voorspelbaarheid,
rechtvaardigheid en flexibiliteit. Daarbij heeft een volledig functionerend en efficiënt
systeem voor geschillenbeslechting prioriteit. Bij gebrek hieraan benadrukt de Raad
het belang van de hierboven genoemde MPIA. Tenslotte steunt de Raad een werkprogramma
voor hervorming van de WTO na MC14 waarin wordt gekeken naar mogelijke nieuwe manieren
van werken zodat de organisatie ook doeltreffend kan zijn in de huidige geopolitieke
context. Wat de Raad betreft moet daarbij ook de kwestie van consensus worden besproken,
net als de mogelijkheid van het integreren van plurilaterale overeenkomsten binnen
de WTO.
Ook het kabinet benadrukt de zeer beperkte uitkomsten van MC14 en noemt hiervoor als belangrijkste
reden de uitblijvende consensus die nodig is voor besluitvorming. Het kabinet noemt
het algehele resultaat teleurstellend, met name het ontbreken van consensus over een
verklaring voor hervormingen van de WTO en de voortzetting van het e-commerce moratorium.
Volgens het kabinet toont dit de complexe situatie waarin de WTO en het multilaterale
handelssysteem momenteel verkeren.
Europees Parlement
Een delegatie van het Europees Parlement was onder leiding van INTA-voorzitter Bernd
Lange aanwezig bij MC14. De Europarlementariër noemt de resultaten van MC14 ook ronduit
teleurstellend: «Today, supporters of the multilateral trading system are waking up with a hangover.»
Voorafgaand aan de conferentie nam het EP een resolutie aan waarin zij net als de Commissie en de Raad pleit voor modernisering van de WTO.
Hierin benadrukt het EP ook de verlammende werking van besluitvorming binnen de WTO
waarbij consensus gelijkgesteld wordt aan unanimiteit. Het EP is daarnaast voorstander
van multilaterale overeenkomsten, maar ziet ook ruimte voor het integreren van plurilaterale
overeenkomsten in de multilaterale architectuur van de WTO. De resolutie gaat daarnaast
in op het belang van een gelijk speelveld, de ontwikkelingsdimensie en de digitale
dimensie van de WTO.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
Mpanzu Bamenga, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
Suzanne Kröger, Tweede Kamerlid -
Mede ondertekenaar
A.E. van Vliet, EU-adviseur