Verslag (initiatief)wetsvoorstel (nader) : Verslag
36 939 Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten die betrekking hebben op de BES eilanden (Fiscale verzamelwet BES eilanden 2027)
Nr. 5
VERSLAG
Vastgesteld 12 juni 2026
De vaste commissie voor Financiën, belast met het voorbereidend onderzoek van bovenstaand
wetsvoorstel, heeft de eer als volgt verslag uit te brengen van haar bevindingen.
Onder het voorbehoud dat de regering op de gestelde vragen tijdig en genoegzaam zal
hebben geantwoord, acht de commissie de openbare beraadslaging over dit wetsvoorstel
voldoende voorbereid.
De voorzitter van de commissie, C. Jansen
Adjunct-griffier van de commissie, Van der Steur
INLEIDING
De leden van de D66-fractie hebben met interesse kennisgenomen van het wetsvoorstel
en de daarbij horende toelichting. Zij zien op dit moment geen aanleiding tot het
stellen van nadere vragen.
De leden van de VVD-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de Fiscale verzamelwet
BES eilanden 2027. Ze staan positief tegenover dit wetsvoorstel, omdat het bijdraagt
aan het moderniseren en vereenvoudigen van het fiscale stelsel op de BES-eilanden.
Tegelijkertijd hebben deze leden oog voor de gevolgen van individuele maatregelen
voor het ondernemersklimaat en de uitvoeringspraktijk en de rechtszekerheid. Zij hebben
nog meerdere vragen.
De leden van de PRO-fractie hebben het wetsvoorstel met interesse gelezen. Zij hebben
enkele vragen.
De leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van de Fiscale Verzamelwet voor de
BES-eilanden 2027. Zij hebben enkele vragen bij dit voorstel.
De leden van de ChristenUnie-fractie hebben kennisgenomen van het onderhavige wetsvoorstel.
Deze leden het van groot belang dat fiscale wijzigingen niet leiden tot verslechtering
van de bestaanszekerheid, in het bijzonder voor kwetsbare groepen. Zij hebben daarom
nog de volgende vragen.
I. ALGEMEEN
1. Aanleiding
De leden van de PRO-fractie vinden het van groot belang dat er ook op de BES-eilanden
sprake is van een eerlijk belastingstelsel. Deze leden vinden het uitgangspunt van
comply or explain ook van groot belang, maar begrijpen dat de context en schaal van de BES-eilanden
anders is dan die van Europees Nederland. Kan de regering in een overzichtelijk schema
weergeven waar de belangrijkste verschillen zitten tussen het belastingstelsel in
Europees Nederland en Caribisch Nederland? En kan de regering hierbij ook aangeven
welke mogelijke wijzigingen er redelijkerwijs de komende jaren mogelijk zijn om zoveel
mogelijk te voldoen aan het principe van comply of explain?
De leden van de ChristenUnie-fractie lezen dat het wetsvoorstel met name is ingegeven
door de noodzaak om het fiscale stelsel te actualiseren en inconsistenties weg te
nemen. Deze leden vragen in hoeverre bij de totstandkoming van eerdere Belastingplannen
BES eilanden (2024 en 2025) ook expliciet is gekeken naar inkomenseffecten voor specifieke
groepen.
2. Voorgestelde wijzigingen
Vastgoedbelasting (hoofdstuk IV Belastingwet BES)
De leden van de VVD-fractie lezen dat het tarief voor de vastgoedbelasting voor hotels
in eigendom van niet-natuurlijke personen stapsgewijs wordt verhoogd van 10% naar
12%, om het verschil met het reguliere tarief te verkleinen. De regering stelt dat
de sector inmiddels winstgevender is geworden, terwijl de waardes van vastgoed zijn
gestegen. Hoe onderbouwt de regering dat de winstgevendheid van hotels voldoende is
toegenomen om deze belastingverhoging te rechtvaardigen? Welke effecten verwacht de
regering van deze tariefsverhoging op investeringen in de toeristische sector op de
BES-eilanden? Welke bredere economische effecten verwachten de regering, bijvoorbeeld
ten aanzien van de werkgelegenheid op de BES-eilanden?
De leden van de PRO-fractie lezen dat de regering het tarief in de vastgoedbelasting
wil verhogen, maar dat de opbrengst hiervan «nihil geacht» wordt. Kan de regering
toelichten wat het doel van de verhoging is, als het niet gaat om een hogere opbrengst?
En heeft de regering overwogen deze maatregel op te nemen in een Belastingplan in
plaats van een verzamelwet? Wat is de reden dat de regering de verzamelwet hiervoor
passender vindt?
Algemene bestedingsbelasting (hoofdstuk VI Belastingwet BES)
De leden van de VVD-fractie lezen dat een fiscale eenheid in de ABB wordt geïntroduceerd
om cumulatie van belasting bij interne transacties te voorkomen en administratieve
lasten te verlagen. Tegelijkertijd wordt gekozen voor een strikte eis van 100% aandeelhouderschap
vanwege uitvoerbaarheid. Hoe groot is het probleem van cumulatie van ABB in de huidige
wet? Waarom is gekozen voor een harde 100%-eis, en welke economische activiteiten
vallen hierdoor buiten de regeling? Hoe verhoudt de complexiteitsverhoging voor de
Belastingdienst zich tot de beoogde lastenverlichting voor ondernemers?
Landbouwvrijstellingen
De leden van de VVD-fractie lezen dat de vrijstellingen in de ABB en overdrachtsbelasting
zijn gericht op het stimuleren van de lokale landbouw en het verminderen van fiscale
belemmeringen. Kan de regering kwantificeren welk effect deze vrijstellingen naar
verwachting hebben op de lokale landbouwproductie? Hoe wordt voorkomen dat deze vrijstellingen
leiden tot oneigenlijk gebruik of fiscale constructies?
De leden van de PRO-fractie hebben een vraag over de introductie van een vrijstelling
in de algemene bestedingsbelasting voor de vervaardiging van zaken die in de landbouw
worden gebruikt en de introductie van een vrijstelling in de overdrachtsbelasting
voor cultuurgrond. Waarom staan deze maatregelen in een verzamelwet en niet in een
Belastingplan? Is de regering het ermee eens dat ze moeilijk gezien kunnen worden
als technische maatregelen? Deze leden vragen ook of de regering aanwijzingen heeft
dat deze maatregelen daadwerkelijk helpen om de lokale landbouw te stimuleren, en
of het klopt dat er geen noemenswaardige kosten aan de maatregelen verbonden zijn.
Ten aanzien van de landbouwvrijstellingen vragen de leden van de CDA-fractie hoeveel
extra landbouwactiviteit wordt verwacht dat hiermee tot stand komt.
Formeel belastingrecht en invordering van BES belastingen (hoofdstuk VIII Belastingwet
BES)
Ten aanzien van dwangschriften per post is in de consultatie gewezen op problemen
met de postbezorging op de eilanden. De leden van de CDA-fractie vragen hoe de regering
wil voorkomen dat burgers rechtsmiddelen missen doordat post niet aankomt. Zij lezen
dat de regering zorgen wil mitigeren door actief opvolging te geven aan verstuurde
dwangschriften en door hulp aan te bieden. Zij vragen hoe dit er concreet uitziet
en hoe wordt voorkomen dat geen verdere stappen in het invorderingstraject worden
gezet voordat iemand daadwerkelijk op de hoogte is
Inkomstenbelasting
De leden van de VVD-fractie lezen dat de regeling voor toerekening van aftrekposten
tussen echtgenoten bij scheiding wordt afgeschaft, omdat deze in de praktijk nadelig
kan uitpakken en tot knelpunten leidt. Hoeveel belastingplichtigen worden jaarlijks
geconfronteerd met de nadelige effecten van de huidige regeling? Welke gevolgen heeft
het schrappen van deze regeling voor de rechtszekerheid en voorspelbaarheid van belastingheffing?
De leden van de PRO-fractie vragen of het klopt dat de voorgestelde aanpassing aan
de gebruikelijkloonregeling neerkomt op een lastenverlichting voor directeuren-grootaandeelhouders
en of de regering dat wenselijk vindt. Daarnaast vragen deze leden of de regering
kan beargumenteren waarom de koppeling tussen de belastingvrije som (BVS) en het gebruikelijk
loon niet meer wenselijk is, afgezien van het feit dat de BVS gestegen is.
3. Budgettaire aspecten
4. Uitvoeringsaspecten
De leden van de VVD-fractie lezen dat het wetsvoorstel uitvoerbaar is volgens de Belastingdienst,
maar introduceert ook complexiteit, met name door de fiscale eenheid in de ABB en
benodigde ICT-aanpassingen. Kan de regering toelichten waarom gekozen is voor een
maatregel die expliciet leidt tot complexiteitsverhoging voor de Belastingdienst?
Hoe wordt geborgd dat de benodigde ICT-aanpassingen tijdig en binnen budget worden
gerealiseerd?
5. Doenvermogen
6. Administratieve lasten/gevolgen voor bedrijfsleven en burger
7. EU-aspecten
8. Advies en consultatie
9. Doelmatigheid, doeltreffendheid en evaluatie
De leden van de VVD-fractie lezen dat het een verzameling van voornamelijk technische
en kleinere wijzigingen in verschillende belastingwetten voor de BES-eilanden betreft,
waarbij wordt aangegeven dat de budgettaire effecten beperkt of nihil zijn. Tegelijkertijd
wordt gesteld dat deze wijzigingen noodzakelijk zijn vanwege veroudering en inconsistenties
in het fiscale stelsel. Kan de regering concreet aangeven welke knelpunten in de uitvoeringspraktijk
met dit verzamelwetsvoorstel worden opgelost, en hoe urgent deze knelpunten zijn?
Hoe wordt geborgd dat het bundelen van uiteenlopende maatregelen in één verzamelwet
de parlementaire controle op individuele onderdelen niet bemoeilijkt?
De leden van de VVD-fractie lezen dat de regering stelt dat de maatregelen doelmatig
en doeltreffend zijn, maar geeft tegelijk aan dat deze niet afzonderlijk zullen worden
geëvalueerd omdat het om technische wijzigingen gaat. Waarom kiest de regering ervoor
om geen evaluatie uit te voeren, terwijl cumulatief sprake kan zijn van substantiële
impact? Is de regering bereid om op zijn minst een ex post evaluatie te doen van de
belangrijkste maatregelen, zoals de fiscale eenheid in de ABB?
II. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING
OVERIG
De leden van de ChristenUnie-fractie hechten waarde aan signalen uit de praktijk,
in het bijzonder vanuit de eilanden zelf. In dat verband wijzen zij naar het rapport
van Centraal Dialoog Bonaire over de impact van belastingwijzigingen op kleine ondernemers
op Bonaire, dat bij brief van 5 januari 2026 aan de toenmalige Staatssecretaris van
Financiën is aangeboden (te vinden op www.centraaldialoogbonaire.com). Is de regering van mening dat, in het licht van de toezegging van de regering in
de brief van 6 december 2024 (Kamerstuk 36 604, nr. 12) en het impactonderzoek van Centraal Dialoog Bonaire, reparatie voor de groep kleine,
meewerkende ondernemers geboden is? Indien de regering van oordeel is dat reparatie
niet nodig is, kan zij dit nader motiveren, mede in het licht van de gesignaleerde
effecten onder het sociaal minimum? Indien de regering van oordeel is dat reparatie
wel nodig is, op welke termijn kan de Kamer concrete voorstellen tegemoetzien? Zijn
de aanbevelingen in het impactonderzoek van Centraal Dialoog Bonaire gebruikt om tot
gerichte reparatiemaatregelen te komen? Kan de regering per aanbeveling uit dit rapport
aangeven hoe deze wordt beoordeeld en in hoeverre deze wordt overgenomen?
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
C.A. (Chris) Jansen, voorzitter van de vaste commissie voor Financiën -
Mede ondertekenaar
R.A. van der Steur, adjunct-griffier
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.