Brief regering : Verbetering statiegeldregelgeving
28 694 Verpakkingsbeleid
Nr. 162
BRIEF VAN DE MINISTER VAN KLIMAAT EN GROENE GROEI
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 26 juni 2026
Sinds 2021 geldt er een wettelijke statiegeldverplichting voor plastic flessen met
frisdrank en water en sinds 2023 voor alle drankblikjes, met als doel zwerfafval te
verminderen en recycling te stimuleren. Producenten en importeurs, vertegenwoordigd
door de producentenorganisatie Verpact, zijn wettelijk verantwoordelijk voor het inrichten,
bekostigen en functioneren van het statiegeldsysteem1. Daarbij moeten zij 90% van alle op de markt gebrachte plastic flessen en 90% van
de blikjes weer inzamelen2. Dit is Verpact tot op heden nog niet gelukt: volgens de laatste resultaten, over
2024, wordt slechts 77% van de plastic flessen en 83% van de blikjes ingezameld. Consumenten
ervaren frustratie en verwarring, door te weinig (werkende) innamepunten, te lange
rijen en het feit dat sommige plastic flessen wel statiegeld hebben en andere niet.
Ook storen mensen zich aan zwerfafval door opengebroken prullenbakken vooral in grote
steden en op drukbezochte plekken.
Nederland heeft al een statiegeldsysteem met een 90% inzameldoelstelling. Vanaf 2029
is de 90% gescheiden inzameldoelstelling ook verplicht vanuit Europa en ook statiegeld
wordt Europees verplicht3. Dit brengt met zich mee dat bestaande nationale statiegeldsystemen kunnen blijven
bestaan in hun huidige vorm, mits deze systemen de doelstelling halen. Voor statiegeldsystemen
die vóór 2029 niet 90% inzamelen, volgen vanuit Europese regelgeving additionele strenge
(en dure) eisen. Dit zou o.a. een innameplicht betekenen voor alle verkooppunten zonder
enige uitzonderingen of beperkingen, en het (eenzijdig) toevoegen van buitenlandse
flessen en blikjes aan het statiegeldsysteem. Dit zou leiden tot (hoge) lasten voor
producenten en alle ondernemers die flesjes en blikjes verkopen.
Ik wil dit scenario voorkomen en zelf de touwtjes in handen houden, onder meer om
maatwerk te kunnen blijven leveren voor de Nederlandse situatie, bijvoorbeeld door
belangrijke uitzonderingen te behouden voor (kleine) ondernemers om lasten te beperken.
Daarvoor is het dus nodig dat we versneld de inzameldoelstelling halen. De termijn
om dit te organiseren, is echter krap. Het doel staat hierbij voor mij voorop. Daarom
informeer ik de Kamer hierbij, als start van het proces, over een samenhangend pakket
waar ik op dit moment aan werk, met oog voor zowel het gemak van de consument als
de lasten voor met name kleine bedrijven. Het doel van deze aanpassingen is het statiegeldsysteem
te verbeteren, de inzameldoelstellingen beter haalbaar te maken en de lasten die bij
de uitvoering komen kijken eerlijker te verdelen, waarbij geen strengere regels gehanteerd
worden dan nodig is voor het behalen van het Europese doel.
De onderdelen van het pakket zijn:
• Verder onderzoek naar de uitwerking van een innameplicht t.b.v. het verhogen van het
aantal innamepunten;
• Uitbreiding van de statiegeldplicht naar alle plastic flessen tot en met drie liter,
incl. zuivel- en sapflessen.
• Verbod op de verkoop van plastic flessen en blikjes zonder statiegeld;
• Uitwerking van een mogelijke verplichting voor bulkautomaten;
• Verplichting voor (publieke) rapportage over de inzamelcijfers en financiën vanuit
het oogpunt van transparantie.
Hiermee kan uitvoering worden gegeven aan de moties Wingelaar4 over het verplichten van statiegeld voor verkooppunten en het verplichten van statiegeld
voor plastic sapflessen5. In deze brief worden deze voorstellen op hoofdlijnen toegelicht.
Ik ga op basis van deze brief graag het gesprek aan met de Kamer over de beste manier
om de inzameldoelstelling versneld te halen. Daarbij sta ik open voor suggesties van
de Kamer om tot de juiste balans te komen dat een realistisch pad biedt naar het versneld
binnen bereik brengen van de inzameldoelstelling.
Op basis van de richting uit de Kamer kom ik na de zomer zo spoedig mogelijk met een
nader uitgewerkt pakket. Vervolgens verwerk ik de wijzigingen in de statiegeldregelgeving
in het Besluit Beheer Verpakkingen 2014, waarbij ik streef naar een ingangsdatum van
1 januari 2028. Dat betekent dat het concept-wijzigingsbesluit bij voorkeur in de
eerste helft van 2027 bij de Kamer in voorhang wordt gebracht.
Opvolging evaluatie en vervolgonderzoeken
De Kamer heeft in voorgaande jaren regelmatig aandacht gevraagd voor statiegeld. Bijvoorbeeld
het niet behalen van de wettelijke doelstelling, te weinig innamepunten en consumentengemak
en het niet opgeëiste statiegeldbedrag. Om die reden is opgeroepen om actie te ondernemen.
De aandachtspunten en voorstellen uit de Kamer, waaronder ook aandacht voor de lasten
voor ondernemers, zijn meegenomen in de evaluatie en vervolgonderzoeken die het afgelopen
jaar zijn uitgevoerd en in het vormgeven van de hier voorgestelde vervolgstappen.
Zoals eerder gedeeld met de Kamer6, blijkt uit de meest recente evaluatie dat statiegeld helpt zwerfafval te voorkomen
(reductie van ruim 70%) en recycling van waardevolle grondstoffen stimuleert (CO2-reductie van 77kton per jaar). Beide positieve effecten zetten zich door, blijkt
uit de laatste zwerfafvalmonitor van Rijkswaterstaat7 en de hoeveelheid gerecycled plastic in nieuwe flessen. Tegelijkertijd stelt de evaluatie
dat de regelgeving voor en de uitvoering van het statiegeldsysteem beter kunnen en
voor de consument ook beter moeten.
Het vorige kabinet heeft naar aanleiding van de evaluatie daarom besloten twee vervolgonderzoeken
uit te voeren. Ten eerste het onderzoek van CE Delft naar een innameplicht. Ten tweede
het onderzoek van Wageningen University and Research (WUR) naar een gescheiden inzamelmethode voor plastic zuivelflessen. De inzameling
van zuivelflessen is belangrijk, omdat uit de evaluatie blijkt dat de inzameldoelstelling
van 90% alleen haalbaar is als deze flessen ook gescheiden ingezameld worden. Deze
vervolgonderzoeken zijn toegevoegd als bijlage.
1. Verhogen aantal innamepunten
Er zijn niet genoeg innamepunten, daarom is het niet altijd makkelijk genoeg voor
consumenten om hun plastic flessen en blikjes in te leveren. Momenteel worden de meeste
plastic flessen en blikjes ingezameld via de supermarkt. Dit terwijl andere verkooppunten,
zoals tankstations en kiosken, ook statiegeldverpakkingen verkopen. Dit leidt ertoe
dat supermarkten het merendeel van de lasten voor inname dragen en er te weinig innamepunten
zijn voor consumenten, met name consumenten die hun flessen en blikjes onderweg kwijt
willen. Hierdoor worden te veel flessen en blikjes niet ingeleverd, met als gevolg
dat statiegeld niet opgeëist wordt en flessen en blikjes in prullenbakken belanden.
Dat leidt tot minder (goede) recycling en het geregeld openbreken van prullenbakken
in bepaalde gebieden.
Om het aantal innamepunten te verhogen zijn er verschillende maatregelen mogelijk,
waaronder een innameplicht. Door het vorige kabinet is voorgenoemde evaluatie uitgevoerd
naar deze mogelijkheden en is er vervolgonderzoek uitgevoerd door CE Delft naar verschillende
vormen van een innameplicht. Daarnaast is er de afgelopen jaren de nodige ervaring
opgedaan met het huidige statiegeldsysteem, wat inzichten heeft opgeleverd voor wat
betreft kostenefficiëntie in de inrichting van het systeem. Ik kijk naar het geheel
van deze informatie om zo spoedig mogelijk tot een voorstel te komen. Daarbij kijk
ik nadrukkelijk naar effectiviteit, uitvoerbaarheid, proportionaliteit en lasten voor
(kleine) ondernemers.
Het is hierbij goed te vermelden het verpakkend bedrijfsleven verantwoordelijk is
en blijft voor de inrichting, bekostiging en het functioneren van het statiegeldsysteem,
inclusief het behalen van de 90% inzamelingsdoelstelling. Dat betekent bijvoorbeeld
ook dat Verpact, als uitvoeringsorganisatie namens het verpakkend bedrijfsleven, bij
een verhoging van het aantal innamepunten de inspanningen zal moeten opvoeren om verkooppunten
te faciliteren en ontzorgen.
2. Statiegeld op méér plastic flessen
Op dit moment geldt een statiegeldverplichting voor plastic frisdrank- en waterflessen
en niet voor de overige plastic flessen, waarvan het grootste deel sap- en zuivelflessen
zijn. Daarom begrijpen consumenten soms niet waarom er op de ene plastic fles wel
statiegeld zit en de andere niet. Dit kan leiden tot frustratie bij de innameautomaat,
omdat de automaat de niet-statiegeldflessen niet accepteert terwijl de consument inname
en terugbetaling verwacht.
Vanuit de Europese Verpakkingenverordening wordt statiegeld op plastic sapflessen
verplicht vanaf 2029. In de praktijk wordt in Nederland al op het merendeel van de
plastic sapflessen vrijwillig statiegeld geheven. Producenten mogen daar nu namelijk
al voor kiezen. Zuivelflessen worden echter nog niet met statiegeld verkocht en ook
niet via een ander systeem gescheiden ingezameld, hoewel zij wel onder de inzameldoelstelling
vallen. Ruim 90% van alle plastic flessen zonder statiegeld is een zuivelfles, oftewel
11,7% van het totaal aantal plastic flessen.
Gezien uit het onderzoek blijkt dat de inzameldoelstelling van 90% alleen haalbaar
is als zuivelflessen ook gescheiden worden ingezameld8 heeft het vorige kabinet hier onderzoek naar laten doen door de WUR. Het onderzoek
laat zien dat het inzamelen van zuivelflessen via het statiegeldsysteem technisch
mogelijk is, waarbij wel aanpassingen nodig zijn aan de flessen of het systeem. Verder
stellen de onderzoekers dat het voor de consument het meest duidelijk is als op alle
eenmalige plastic flessen tot en met drie liter statiegeld geheven wordt. Om deze
redenen stel ik een uitbreiding van de statiegeldplicht voor naar alle plastic flessen
tot en met drie liter, incl. zuivel- en sapflessen, waarbij het randvoorwaardelijk
is dat er door Verpact eerst maatregelen worden uitgewerkt om hygiëneproblemen te
voorkomen.
Specifiek bij zuivelflessen is het van groot belang dat maatregelen worden getroffen
om hygiëneproblemen en mogelijke vervuiling van het plastic recyclaat te voorkomen.
In het kader van de Totaalaanpak Statiegeld wordt door Verpact daarom reeds gewerkt
aan een plan van aanpak voor de gescheiden inzameling van zuivelflessen dat begin
september zal worden gepubliceerd. Verpact moet daarbij zorgen voor een vlotte afvoer
van de flessen, om hygiëne en eventuele zorgen over ruimtegebrek te adresseren. Daarnaast
zullen ze verkooppunten moeten compenseren voor eventuele extra kosten die gemaakt
worden voor het schoonhouden van de innamelocatie. Dit is extra belangrijk bij locaties
waar de flessen ter plekke geperst worden. Dit vraagt dus dat Verpact als eigenaar
van het statiegeldsysteem de nodige maatregelen treft en eventueel de inrichting van
het statiegeldsysteem moet aanpassen, voor een goed functionerend statiegeldsysteem
inclusief zuivelflessen.
Met het oog op de timing van het plan van aanpak en het opstarten van de uitvoering,
is de aanwijzing van mijn voorganger9 verlengd tot 30 september dit jaar. Na 30 september zal het percentage ingezamelde
plastic flessen weer over alle plastic flessen berekend worden. Ik verwacht ook dat
het plan van aanpak zal aangeven hoe zuivelflessen gemaakt van PET zo snel als mogelijk
worden toegevoegd aan het statiegeldsysteem. Het onderzoek van de WUR stelt immers
dat deze PET-flessen met minimale aanpassingen binnen minder dan een jaar toegevoegd
kunnen worden aan het statiegeldsysteem. Ook dit kan bijdragen aan het sneller bereiken
van de wettelijke inzameldoelstelling van 90%.
3. Verbod op de verkoop van plastic flessen en blikjes zonder statiegeld
Uit de evaluatie bleek dat plastic flessen en blikjes soms ten onrechte zonder statiegeld
verkocht worden. Dit is oneerlijk voor winkels en producenten die wel statiegeld heffen
op plastic flessen en blikjes. Bovendien is het verwarrend voor de consument, die
hierdoor soms flessen en blikjes probeert in te leveren waar geen statiegeld over
is betaald en ook geen statiegeldlogo en barcode op staan. Hierdoor worden deze door
een innameautomaat niet herkend en geaccepteerd, waar de consument dit wel verwacht.
Zoals al door het vorige kabinet naar aanleiding van de evaluatie10 al is aangegeven, wordt daarom een verbod op de verkoop van plastic flessen en blikjes
zonder statiegeld geïntroduceerd, in lijn met de motie Wingelaar.11 Op deze manier kan handhaving door de ILT direct bij het verkooppunt plaatsvinden.
De verwachting is dat dit leidt tot een eerlijker speelveld voor bedrijven.
4. Uitwerking van een mogelijke verplichting voor bulkautomaten
Bulkautomaten zijn automaten waar grote volumes plastic flessen en blikjes tegelijk
ingeleverd kunnen worden, vaak met meer dan 100 tegelijk. Deze automaten zijn bijvoorbeeld
te vinden in de statiegeldwinkels van Verpact en in milieustraten. Dit verhoogt het
consumentengemak aanzienlijk, doordat grote hoeveelheden flessen en blikjes sneller
ingeleverd kunnen worden. Dit leidt tot een groter innamepercentage en ontlasting
van innamepunten in de buurt, wat onder andere resulteert in kortere rijen. De cijfers
van Verpact laten zien dat consumenten enthousiast zijn over deze bulkautomaten en
dat deze veelvuldig gebruikt worden. Een innameplicht alleen zal echter niet zorgen
voor (meer) bulkautomaten. Deze automaten zijn doorgaans ook niet van, of staan niet
bij een individueel verkooppunt. Daardoor bestaat het risico dat door de toename van
het aantal innamepunten (als gevolg van de introductie van innameplicht) wellicht
bulkautomaten verloren zullen gaan of niet meer wordt geïnvesteerd in de plaatsing
van aanvullende bulkautomaten, mede omdat deze wellicht minder gaan renderen en duur
in aanschaf en onderhoud zijn. Gezien het succes van de bulkautomaten en het gemak
voor de consument zou dat onwenselijk zijn. Daarom bekijk ik of bulkautomaten ook
een plek kunnen krijgen in de statiegeldregelgeving. Hiertoe zal nader worden onderzocht
op welke wijze een verplichting op bulkautomaten vormgegeven kan worden. Dit is ook
in lijn met het streven van de sector zelf: Verpact heeft in hun Totaalaanpak Statiegeld
een streven opgenomen voor meer bulkautomaten.
5. Rapportageverplichting financiële cijfers statiegeld
Wanneer consumenten hun plastic flessen en blikjes niet inleveren, krijgen zij het
statiegeld dat zij hebben betaald niet terug. Met de huidige inlevercijfers gaat het
in totaal om ongeveer 130 miljoen euro per jaar. Sinds de invoering gaat het dus om
honderden miljoenen euro’s die niet opgeëist zijn door consumenten. Dat geld blijft
in het systeem en Verpact geeft in hun vrijwillige rapportages en publicatie van hun
jaarrekening aan dat dit geld besteed wordt om het statiegeldsysteem te verbeteren
en onderhouden. Desondanks leidt het totaalbedrag aan niet opgeëist statiegeld tot
discussie. Ook wordt de juistheid van de cijfers soms in twijfel getrokken. Ik ben
van mening dat transparantie over de cijfers, ook de financiële, belangrijk is. Verpact
deelt deze mening en heeft daarom verzocht een dergelijke rapportageverplichting op
te nemen in de regelgeving. Ik ben daarom voornemens een dergelijke (publieke) rapportageverplichting
uit te werken.
Daarbij is het goed om op te merken dat het zo snel mogelijk behalen van de 90% inzameldoelstelling
uiteindelijk de snelste manier is om het jaarlijkse bedrag dat overblijft door niet
opgeëist statiegeld te verminderen12. Om die reden wordt ook de volle inzet van Verpact verwacht in het vergroten van
het consumentengemak, het ontzorgen van (kleine) ondernemers en het versnellen van
het gewenningsproces via acties en campagnes zoals die in hun Totaalaanpak Statiegeld
staan.
Tot slot
Het is in ieders belang zo snel mogelijk de inzameldoelstelling van 90% over alle
plastic flessen en blikjes te halen, ook om strengere en duurdere eisen voor producenten
en verkooppunten vanuit Europa te voorkomen. Ook voor consumenten is het prettig om
verpakkingen in te leveren in een goed functionerend statiegeldsysteem. Ik ga graag
het gesprek aan met de Kamer over de beste manier om versneld de inzameldoelstelling
te halen.
In een recent bestuurlijk overleg met Verpact hebben de vertegenwoordigers van het
verpakkend bedrijfsleven aangegeven de in deze brief geschetste voorstellen te steunen,
maar graag in contact te blijven over het plan van aanpak voor de inzameling van zuivelflessen.
Naast het gesprek met de Kamer blijf ik voortdurend met het verpakkend bedrijfsleven
in gesprek over alle mogelijkheden om de inzameldoelstelling van 90% zo snel mogelijk
te halen. De in deze brief aangehaalde onderzoeken en voorstellen kunnen voor Verpact
reeds van nut zijn. Ik moedig het daarom aan dat verkooppunten in gesprek treden met
Verpact om te verkennen wat er al mogelijk is en roep Verpact op om in ieder geval
een deel van de zuivelflessen in het systeem te brengen, anticiperend op een nieuw
pakket.
De Minister van Klimaat en Groene Groei,
S. van Veldhoven-van der Meer
Indieners
S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei