Brief regering : Verslag Raad Algemene Zaken van 26 mei 2026
21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken
Nr. 3428
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 1 juni 2026
Hierbij bied ik u het verslag aan van de Raad Algemene Zaken van 26 mei.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
T.B.W. Berendsen
VERSLAG RAAD ALGEMENE ZAKEN VAN 26 MEI 2026
De Raad Algemene Zaken (RAZ) vond plaats in Brussel op dinsdag 26 mei jl. De Raad
sprak over strategic foresight, de voorbereiding voor de Europese Raad (ER), EU-VK betrekkingen en het Meerjarig
Financieel Kader (MFK). De Raad voerde eveneens een viertal landenspecifieke rechtstaatsdialogen.
Afsluitend zijn in de Raad nog enkele onderwerpen aan de orde gekomen, waarbij de
nieuwe Hongaarse regering haar inzet ten aanzien van de rechtsstaat kort toelichtte.
Daarnaast heeft Frankrijk aandacht gevraagd voor de beschikbaarheid van voldoende
middelen voor de ultraperifere regio’s en de overzeese landen en gebieden, gezien
de specifieke situatie en beleidsuitdagingen van deze gebieden. De Minister van Buitenlandse
Zaken nam deel. En marge van de Raad vond een Intergouvernementele Conferentie (IGC)
met Albanië plaats in het kader van het toetredingsproces.
Werkontbijt Ministers for the Future
De Raad sprak over strategic foresight en hoe de EU zich richting 2040 kan versterken in een onzekere geopolitieke context.
Daarbij werd gesproken over welke concrete stappen nu al nodig zijn om de strategische
autonomie en weerbaarheid van de EU te vergroten. Hierover verschenen eerdere rapporten
zoals het Draghi-, Letta- en het Ninistö-rapport. De Europese Commissie (hierna: Commissie)
benadrukte het belang om over te gaan tot uitvoering en beleidskeuzes te maken in
opvolging van deze rapporten. Ook ging de Raad in op de in maart jl. gepresenteerde
Strategy on Intergenerational Fairness van de Commissie.
Het belang van intergenerational fairness werd door alle lidstaten onderschreven. Nederland sloot zich hierbij aan en bracht
daarbij de belangen van alle – inclusief oudere – generaties onder de aandacht. De
Commissie stelde dat crisisbeheersing niet een permanente werkwijze moet worden en
dat het van belang is om instrumenten te ontwikkelen die lange-termijn-besluitvorming
ondersteunen. Lidstaten deden daartoe meerdere suggesties, waaronder a) interne versterking
van de Unie door besluitvorming efficiënter te maken via meer QMV-besluitvorming (gekwalificeerde
meerderheid), b) het vergroten van weerbaarheid door de afhankelijkheden van de Unie
systematisch te onderzoeken en in kaart te brengen, en c) het sneller sluiten van
nieuwe partnerschappen met derde landen. Als concrete vervolgstappen noemden lidstaten
de mogelijkheid van een gezamenlijke foresight-oefening, betere kennisdeling en versterking van het EU-brede foresight-netwerk.
Nederland is nauw betrokken bij het Europese foresight netwerk en deelt ervaringen in Raadsverband en met de Commissie. Zo heeft de Commissie
in de afgelopen jaren het foresight rapport besproken met beleidsmakers van verschillende ministeries. Nederland zet
erop in de uitwisseling met de Commissie zoals door deelname aan de jaarlijkse ESPAS-conferentie
of horizon-scanning voort te zetten. De Commissie houdt overigens zelf de eindregie
over het eigen jaarlijkse foresight rapport.
Voorbereiding Europese Raad
De Raad besprak en stemde in met de agendering van de concept-agendaonderwerpen van
de ER van 18 en 19 juni a.s. Ten aanzien van Oekraïne onderstreepten lidstaten, waaronder
Nederland, de noodzaak van blijvende politieke, financiële en militaire steun, inclusief
implementatie van het steunpakket van EUR 90 mld. een brede groep lidstaten riep op
tot een 21ste sanctiepakket tegen Rusland. Daarnaast riepen veel lidstaten op tot
voortgang in de toetredingsonderhandelingen, met zowel Oekraïne als Moldavië. Enkele
lidstaten vroegen daarnaast aandacht voor de EU-rol in eventuele vredesonderhandelingen.
Onder het agendapunt globale economische uitdagingen benadrukten lidstaten, waaronder
Nederland, het belang van het identificeren en mitigeren van strategische afhankelijkheden.
In de discussie over het MFK pleitte een groep lidstaten enerzijds voor een ambitieus
MFK terwijl anderen juist opriepen tot modernisering en een verlaging van het totale
volume.
Aangaande het Midden-Oosten vroegen EU-lidstaten, waaronder Nederland, aandacht voor
een duurzame vrede in de regio, steun voor diplomatieke inspanningen om het conflict
te beëindigen en het belang van veilige doorvaart in de Straat van Hormuz. Ook sprak
de Raad over de situaties in Libanon, de Westelijke Jordaanoever en Gaza.
Op het terrein van veiligheid en defensie lag de nadruk op defensieparaatheid en synergie
tussen de EU en de NAVO in aanloop naar de NAVO-top van 7 en 8 juli a.s. Op het vlak
van migratie benadrukten lidstaten, waaronder Nederland, het belang van een zorgvuldige
implementatie van het Asiel- en Migratiepact.
Tot slot verwelkomden lidstaten, waaronder Nederland, de agendering van illegale drugs
en georganiseerde drugscriminaliteit, met een oproep tot een geïntegreerde aanpak
van handel, witwassen en corruptie, en vraagreductie, en vroegen zij om ER-conclusies
die oproepen tot coherente EU-inzet richting landen die drugscriminelen herbergen
en hun internationale verplichtingen niet nakomen.
EU-VK betrekkingen
De Raad besprak de actuele stand van de EU-VK relatie, met aandacht voor de implementatie
van bestaande akkoorden (de Handels- en Samenwerkingsovereenkomst en het Terugtrekkingsakkoord)
en de voortgang van lopende onderhandelingen over sanitaire en fytosanitaire maatregelen
(SPS), het koppelen van emissiehandelssystemen (ETS) en jeugdmobiliteit (Youth Experience
Scheme). Het streven is om deze drie onderhandelingen af te ronden voorafgaand aan
de komende EU-VK-top, waarvoor de datum nog onbekend is. Ten aanzien van de lopende
onderhandelingen sprak de gehele Raad steun uit voor de strategie van de Commissie.
Daarnaast werd potentiële verdere samenwerking tussen de EU en het VK op andere terreinen
besproken, waaronder op het gebied van veiligheid. Nederland benadrukte het belang
van een snelle start van de besprekingen over de integratie van het VK in de elektriciteitsmarkt
van de EU. Ook verschillende andere lidstaten onderstreepten het belang van een akkoord
op dit terrein en, gekoppeld hieraan, een financiële bijdrage van het VK aan het EU-cohesiebeleid.
Op het gebied van jeugdmobiliteit benadrukte Nederland het belang van inachtneming
van nationale competenties. Met het oog op de toekomst onderschreef Nederland het
strategische karakter van de relatie met het VK en sprak zich uit voor een versterking
van de relatie. Hierbij werd de wens tot een snel akkoord over deelname van het VK
aan de Ukraine Support Loan benadrukt.
Meerjarig Financieel Kader (MFK)
De Raad wisselde van gedachten over het volgend MFK (2028–2034). De focus van de discussie
lag op de rol die het volgende MFK kan spelen in de versterking van de interne markt.
Het belang van die versterking werd breed gedeeld en het MFK werd daarbij gezien als
flankerend beleid. Veel lidstaten, waaronder Nederland, wezen op het belang van hervormingen
en op het mobiliseren van privaat kapitaal. Daarnaast werden diverse MFK-programma’s
genoemd als nuttig voor de interne markt, met nadruk op de Connecting Europe Facility. Een aantal landen uitte zorgen dat het voorgestelde Gemeenschappelijk Landbouwbeleid
risico’s meebrengt voor het gelijke speelveld en daarmee de interne markt kan schaden.
Enkele landen, waaronder Nederland, verbonden bescherming van de interne markt aan
goed uitgeruste douanediensten. Dit is een extra argument om de douanerechten, die
lidstaten mogen houden, niet te verlagen van de huidige 25 procent naar de door de
Commissie voorgestelde 10 procent in het volgend MFK. Naast het formele agendapunt
gingen alle lidstaten breder op hun MFK-positie in, vooruitlopend op de aankomende
ER waar het eerste onderhandelingsdocument (negobox) met getallen wordt verwacht. Enerzijds hielden lidstaten het pleidooi voor een grotere
omvang van het MFK, in het bijzonder voor meer middelen voor de nationale en regionale
partnerschap-plannen. Anderzijds benadrukte meerdere lidstaten, waaronder Nederland,
juist de noodzaak om de omvang van het MFK fors te verlagen ten opzichte van het Commissievoorstel
en markeerden daarbij dat de voorgestelde modernisering van de EU-begroting overeind
moet blijven.
Rechtsstaatdialogen Frankrijk, Kroatië, Italië, en Letland
Tijdens de Raad vond voor de vijftiende keer de landenspecifieke rechtstaatdialoog
plaats op basis van de landenhoofdstukken uit het rechtsstaatrapport van de Commissie.
Deze keer stonden de landenhoofdstukken van Frankrijk, Kroatië, Italië en Letland
op de agenda. Zoals gebruikelijk leidde de Commissie de afzonderlijke dialogen in
met een korte samenvatting van haar bevindingen. De betreffende lidstaat gaf daarna
een korte presentatie van de staat van de rechtsstaat in het eigen land, waarna een
ronde van vragen en antwoorden volgde.
Nederland intervenieerde namens de Benelux tijdens de bespreking van Frankrijk, Kroatië
en Italië. Voor het landenhoofdstuk van Frankrijk heeft Nederland gevraagd naar de
lessen die Frankrijk kan delen over de aanpak van corruptie in havens. Tijdens de
bespreking van het landenhoofdstuk van Kroatië merkte Nederland het belang van de
bescherming van journalisten op. Tot slot heeft Nederland bij de bespreking van het
landenhoofdstuk van Italië gevraagd naar de problematiek van de lengte van procedures,
en de timing van de oprichting van een nationale mensenrechteninstelling.
AOB: rechtsstaat Hongarije
Hongarije gaf tijdens deze Raad aan dat de nieuwe Hongaarse regering zich inzet voor
de bescherming van de Europese waarden en het herstel van de rechtsstaat. Hongarije
benoemde enkele maatregelen waar momenteel aan wordt gewerkt, waaronder de deelname
aan het Europees Openbaar Ministerie en de opheffing van het Soevereiniteitsbureau.
Ook wees Hongarije op de herroeping van het besluit tot terugtrekking uit het Internationaal
Gerechtshof (ICC). Tijdens de RAZ van 16 juni a.s. wordt de lopende artikel 7-procedure
besproken en licht Hongarije de voortgang verder toe.
Intergouvernementele Conferentie Albanië
En marge van de RAZ vond de 8ste Intergouvernementele Conferentie (IGC) met Albanië plaats. Tijdens de IGC werden
de closing benchmarks voor de rechtsstaatshoofdstukken 23 en 24 van Cluster 1 aan Albanië gecommuniceerd.
Albanië moet voldoen aan deze closing benchmarks voordat de twee rechtsstaatshoofdstukken aan het einde van het toetredingsproces
gesloten kunnen worden. Met het vaststellen van closing benchmarks is Albanië in het toetredingsproces overgegaan tot de fase waarin onderhandelingshoofdstukken
onder voorbehoud kunnen worden gesloten. Verschillende lidstaten verwelkomden de voortgang
van Albanië in het EU-toetredingsproces en riepen Albanië op om werk te blijven maken
van hervormingen. Nederland sprak mede namens Duitsland, België en Luxemburg en wees
in de gezamenlijke interventie op het belang van toewijding van Albanië aan het versterken
van de rechtsstaat en corruptiebestrijding en onderstreepte dat EU-waarden ook in
de praktijk gebracht moeten worden.
Herstel- en Veerkrachtplan Spanje
Tijdens het tweeminutendebat RAZ van woensdag 20 mei jl. informeerde Kamerlid van
der Lee naar de berichtgeving over de vermeende onrechtmatige besteding van gelden
uit het Spaanse Herstel- en Veerkrachtfaciliteit (HVF) aan pensioenen. De berichtgeving
refereert aan bevindingen van de Spaanse Rekenkamer. De Spaanse Rekenkamer constateert
dat de Spaanse regering EUR 2,4 miljard aan middelen, ontvangen uit de HVF, had ingezet
voor de financiering van onder andere pensioenuitgaven. De Spaanse Rekenkamer heeft
kritiek op de nationale begrotingssystematiek, specifiek de juridische onderbouwing
voor de kasschuif die ten grondslag lag aan deze uitgaven. De Spaanse Rekenkamer heeft
geen kritiek op de rechtmatige besteding van HVF-middelen. De Europese Commissie heeft
bevestigd dat er geen sprake was van onrechtmatig gebruik van HVF-middelen. Uitbetaling
uit de HVF vindt plaats op basis van het behalen van vooraf geformuleerde mijlpalen
en doelstellingen bij de implementatie van mijlpalen en doelstellingen. De Commissie
heeft bevestigd dat Spanje de nodige mijlpalen en doelstellingen heeft behaald die
vereist waren om deze middelen te ontvangen. Het is aan Spanje zelf om de investeringsprojecten
waarop de mijlpalen en doelstelling betrekking hebben te voorzien van financiering
in geval van een tekort als gevolg van een kasschuif.
Indieners
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken