In Nederland kennen we sinds 1919 algemeen kiesrecht. Dat betekent dat iedereen van achttien jaar of ouder en met de Nederlandse nationaliteit mag stemmen. Dit noemen we actief stemrecht. Als een persoon zich kandidaat stelt voor de Tweede Kamer kan er op hem gestemd worden. Dat noemen we passief stemrecht. In de Grondwet staat dat elke Nederlander het recht heeft om te kiezen en om verkozen te worden.

Artikel 4 Grondwet: 

Iedere Nederlander heeft gelijkelijk recht de leden van algemeen vertegenwoordigende organen te verkiezen alsmede tot lid van deze organen te worden verkozen, behoudens bij de wet gestelde beperkingen en uitzonderingen.

Politieke partij

De meeste mensen die in de Tweede Kamer willen, sluiten zich aan bij een bestaande politieke partij. Een politieke partij is een groep mensen die ongeveer hetzelfde idee hebben over wat er in Nederland moet gebeuren. Bijvoorbeeld over wat het beste is voor het milieu of voor het onderwijs. Samen met hun partij maken ze reclame voor hun ideeën. We noemen dat campagne voeren. Niet iedereen denkt hetzelfde en dus zijn er verschillende politieke partijen. Er zijn ook mensen die een eigen nieuwe partij oprichten. Daarnaast is het mogelijk zonder partij deel te nemen aan de verkiezingen. Om deel te kunnen nemen moet u zich aanmelden bij de Kiesraad: www.kiesraad.nl

De Kieswet

In de Kieswet staat hoe verkiezingen gehouden moeten worden en welke voorbereidingen nodig zijn. 

Oproepingskaart of stempas

Elke gemeente moet een kiesregister bijhouden met gegevens over alle inwoners die stemrecht hebben. Wie in dit register staat ingeschreven, ontvangt uiterlijk 14 dagen voor de verkiezingen een oproep voor de verkiezingen. Dit is de zogenoemde oproepingskaart of stempas. Bij die oproep zit een overzicht van de politieke partijen die deelnemen aan de verkiezingen. Op dit overzicht staan ook de namen van de kandidaten. Uiterlijk vier dagen voor de verkiezingen ontvangen kiezers de kandidatenlijsten. Deze lijsten worden ook gepubliceerd door de pers en op www.kiesraad.nl. 

Kieskringen en stemdistricten

Het land is voor de organisatie van de verkiezingen in negentien kieskringen verdeeld. Elke kieskring is onderverdeeld in stemdistricten. Meestal nemen politieke partijen in alle kieskringen aan de verkiezingen deel. De stemmen die in die kieskringen op een bepaalde politieke partij zijn uitgebracht, worden bij elkaar opgeteld. Elke kieskring heeft een hoofdstembureau.  Aan dit hoofdstembureau geven de stembureaus de uitslag van de stemming door. De negentien hoofdstembureaus geven hun informatie door aan het Centraal Stembureau in Den Haag. Daar wordt de uitslag van de verkiezingen vastgesteld.

Kiesstelsel

De manier waarop de leden van de Tweede Kamer worden gekozen, heet het kiesstelsel. In Nederland bestaat sinds 1917 een stelsel van evenredige vertegenwoordiging. Dat betekent dat hoe meer kiezers stemmen op een politieke partij, hoe meer Kamerleden deze partij in de Tweede Kamer krijgt. Ook veel kleinere partijen kunnen daardoor in de Tweede Kamer zitten. Zo is de samenstelling van de Tweede Kamer een brede afspiegeling van de politieke voorkeuren in het land.