Schriftelijke vragen : Het bericht dat over vier jaar dertig procent van de huizen gebouwd moet worden van natuurlijke materialen zoals hout en vlas
Vragen van het lid Nobel (VVD) aan de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over het bericht dat over vier jaar 30 procent van de huizen gebouwd moet worden van natuurlijke materialen zoals hout en vlas (ingezonden 15 september 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Bouwregels stapelen op: over vier jaar moet 30 procent
van de huizen gebouwd worden van natuurlijke materialen zoals hout en vlas»?1
Vraag 2
Klopt het dat de kosten en eisen voor biobased bouwen op dit moment hoger liggen dan
die voor reguliere bouw, en zo ja, hoeveel?
Vraag 3
In hoeverre leidt een eventuele verplichting tot biobased bouwen ertoe dat de bouwkosten
nog verder stijgen?
Vraag 4
Bent u het eens dat de focus moet liggen op het snel bouwen van meer woningen, in
plaats van extra regels over biobased bouwen?
Vraag 5
Bent u het eens dat de markt gestimuleerd kan worden om biobased te bouwen, maar dat
een verplichting niet bijdraagt aan de bouw van meer woningen?
Vraag 6
Kunt u aangeven welk deel van de nieuwbouwwoningen op dit moment voldoet aan de norm
van minimaal 30 procent biobased of circulair materiaal?
Vraag 7
Bent u voornemens de doelstelling van 30 procent als bindende eis in de bouwregelgeving
op te nemen, of ziet u dit als een streefwaarde?
Vraag 8
Mogen woningen met minder dan 30 procent circulair of biologisch materiaal over vier
jaar nog gebouwd worden?
Vraag 9
Hoe bent u überhaupt van plan dit doel te behalen als de helft van de woningfabrieken
volgens het bericht niet gebruikt wordt omdat de vergunningen om de capaciteit op
te schalen ontbreken?
Vraag 10
Welke maatregelen gaat u komende tijd nemen om industriële bouw te stimuleren?
Vraag 11
Kunt u deze vragen één voor één beantwoorden?
Indieners
-
Gericht aan
E. Boekholt-O’Sullivan, minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening -
Indiener
Jurgen Nobel, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.