Schriftelijke vragen : Het statement van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN over de “crackdown on fundamental freedoms” in Uganda
Vragen van het lid Ceder (ChristenUnie) aan de Ministers van Buitenlandse Zaken en van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp over het statement van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN over de «crackdown on fundamental freedoms» in Uganda (ingezonden 14 september 2026).
Vraag 1
Wat is uw reactie op het statement van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van
de VN van 30 juli 2026 over de «crackdown on fundamental freedoms» in Uganda?1
Vraag 2
Bent u bereid om de in het statement genoemde mensenrechtenschendingen publiekelijk
en in niet mis te verstane bewoordingen te veroordelen, zowel bilateraal als in multilateraal
verband? Zo nee, waarom niet?
Vraag 3
Hoe beoordeelt u de rol en de uitspraken van generaal Kainerugaba, die op sociale
media onder meer oppositieleider Bobi Wine heeft bedreigd en herhaaldelijk heeft opgeschept
over het martelen en gevangenhouden van opposanten, waaronder de veiligheidschef en
lijfwacht van Bobi Wine, Eddy Mutwe, en die publiekelijk heeft verklaard dat de veiligheidsdiensten
oppositieleden hebben gedood?
Vraag 4
Bent u bereid om, al dan niet in EU-verband, gerichte sancties te overwegen tegen
personen die verantwoordelijk zijn voor deze mensenrechtenschendingen?
Vraag 5
Bent u bereid om zich, bilateraal en in EU-verband, in te zetten voor de onmiddellijke
vrijlating van Kizza Besigye, die inmiddels bijna twee jaar zonder proces vastzit
op een vermeende hoogverraadaanklacht en die eind juli 2026 in kritieke, levensbedreigende
toestand op de intensive care belandde na een instorting tijdens zijn rechtszaak?
Bent u bereid om bij de Ugandese autoriteiten aan te dringen op toegang tot onafhankelijke
medische zorg voor Besigye?
Vraag 6
Bent u bereid om binnen de EU te pleiten voor een gezamenlijk, onafhankelijk onderzoek
naar het verloop van deze verkiezingen, en voor het koppelen van eventuele EU-steun
aan Uganda aan de uitkomsten daarvan?
Vraag 7
Kunt u een overzicht geven van de huidige bilaterale samenwerking met Uganda, inclusief
lopende trajecten op het gebied van migratie, veiligheid, handel en ontwikkelingssamenwerking?
Bent u bereid om de samenwerking, in het licht van bovenstaande, te herzien? Zo nee,
waarom niet?
Vraag 8
Welke waarborgen zijn er om te voorkomen dat Nederlandse steun of samenwerking direct
of indirect bijdraagt aan de genoemde mensenrechtenschendingen?
Vraag 9
Welke mogelijkheden ziet u om, samen met gelijkgezinde EU-lidstaten, stelling te nemen
tegen de geleidelijke uitholling van de rechtsstaat en ter bescherming van fundamentele
vrijheden in Uganda?
Vraag 10
Bent u bereid te onderzoeken hoe onafhankelijke steun aan mensenrechtenverdedigers,
journalisten en het maatschappelijk middenveld in Uganda kan worden vergroot, mede
in het licht van de beperkingen die de «Protection of Sovereignty Act» oplegt aan
internationale financiering? Bent u tevens bereid te verkennen hoe Nederland specifiek
kan bijdragen aan de bescherming en opvang van Ugandese politieke vluchtelingen? Zo
nee, waarom niet?
Indieners
-
Gericht aan
S.W. Sjoerdsma, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking -
Gericht aan
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken -
Indiener
Don Ceder, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.