Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Kostić over ‘overheidscommunicatie over dierproeven en innovatieve proefdiervrije onderzoeksmethoden’
Vragen van het lid Kostić (PvdD) aan de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over overheidscommunicatie over dierproeven en innovatieve proefdiervrije onderzoeksmethoden (ingezonden 4 juni 2026).
Antwoord van Minister Van Essen (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur),
mede namens de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (ontvangen 29 juni 2026)
Vraag 1
Kent u de video «Waarom dierproeven nog nodig zijn» die sinds 28 mei 2026 op de website
van de rijksoverheid staat?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Wat was de aanleiding voor het maken van deze video en wat is het beoogde doel ervan?
Antwoord 2
In mijn brief van 5 juni jl. (Kamerstuk 32 336, nr. 173) heb ik mijn beleid voor de transitie naar proefdiervrije innovatie (TPI) en dierproeven
uiteengezet. Zoals ik in die brief heb aangegeven zijn er voor bepaalde onderzoeken
nog steeds dierproeven nodig. Het is gebruikelijk dat de rijksoverheid in het kader
van transparantie voorlichting geeft over beleid op verschillende terreinen. De video
is onderdeel van de publieksvoorlichting van de rijksoverheid over dierproeven. Het
doel van de video is transparante en zorgvuldige informatie over dierproeven en proefdieren
te bieden voor een breed publiek.
Vraag 3
Bent u ermee bekend dat dierproeven nog vaak worden gezien als «gouden standaard»
en experts waarschuwen dat hierdoor de ontwikkeling van innovatieve proefdiervrije
methoden juist wordt geremd?2
Antwoord 3
Ja, daar ben ik van op de hoogte. Ik gebruik die term zelf niet en deze wordt ook
niet in de video gebruikt.
Vraag 4
Bent u bekend met de overtuiging van uw voorganger(s) dat we af moeten van dierproeven
als standaard en met zijn expliciete toezegging dat dierproeven niet meer als gouden
standaard zouden worden neergezet in overheidscommunicatie en dat de nadelen van dierproeven
daarin juist nadrukkelijk benoemd zouden worden (Kamerstuk 32 336, nr. 157)?
Antwoord 4
Ja, ik ben bekend met deze overtuiging en ik sta er ook achter om die bewoording niet
te gebruiken. De video maakt inzichtelijk dat er nog dierproeven nodig zijn zolang
nog niet voor alle vraagstukken gevalideerde en geaccepteerde dierproefvrije modellen
beschikbaar zijn. De video belicht ook welke waarborgen er zijn voor het uitvoeren
van dierproeven en verzorgen van de proefdieren. Het is ook mijn verantwoordelijkheid
daar naar het brede publiek transparant over te zijn. De kern van mijn beleid is om
in te blijven zetten op de opbouw van proefdiervrije innovatie en dierproeven uiteindelijk
steeds meer overbodig te maken, zoals ik toelicht in mijn recente Kamerbrief TPI en
dierproeven van 5 juni jl. (Kamerstuk 32 336, nr.173). Ik communiceer ook heel geregeld over het TPI-beleid. Dat doe ik o.a. via de website
van TPI, het TPI LinkedIn-account en andere communicatie voor burgers, zoals de vorig
jaar georganiseerde Helpathon Proefdiervrij onderzoek.
Vraag 5
Onderschrijft u dit? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 5
Ja, ik onderschrijf dit en ik refereer dan ook niet naar dierproeven als de «gouden
standaard», maar ben wel transparant over het feit dat we in Nederland nog dierproeven
doen en hoe we dat doen. Verder verwijs ik naar mijn antwoord op vraag 4.
Vraag 6
Hoe rijmt u deze video, waarin eenzijdig aandacht wordt besteed aan de vermeende noodzaak
van dierproeven, zonder ook maar enige aandacht te besteden aan het belang en de voordelen
van de transitie naar proefdiervrije wetenschap en de ontwikkeling van innovatieve
proefdiervrije methoden, met deze toezegging?
Antwoord 6
De webpagina’s over dierproeven op rijksoverheid.nl bieden genuanceerde publieksinformatie
over de kaders waarin dierproeven in Nederland gedaan mogen worden. De website licht
ook toe welke bezwaren er zijn rondom de ethiek en de vertaalbaarheid van resultaten
van dierproeven naar de mens. Ook is er informatie te vinden over proefdiervrije oplossingen
met een verwijzing naar de website van het programma TPI. Deze website maakt inzichtelijk
wat het TPI-beleid is en hoe ik dat samen met de TPI-partners uitvoer. Daar zijn onder
andere voorbeelden te vinden van succesvolle proefdiervrije innovaties, een video
over het doel van TPI en verslagen van de Labtours die we organiseren voor een breed
publiek. De video «waarom dierproeven nog nodig zijn» is daarmee één van de communicatie-uitingen
in een groter geheel. Ik ben van mening dat alle informatie tezamen een goed gebalanceerd
beeld geeft van de huidige situatie en het beleid.
Vraag 7
Bent u ermee bekend dat de Kamer heeft uitgesproken dat Nederland koploper moet worden
als het gaat om baanbrekende technologieën zoals proefdiervrije, innovatieve medische
ontwikkelingen en heeft verzocht om de ontwikkeling en toepassing van proefdiervrije
methoden meer te stimuleren (Kamerstuk 36 600 XIV, nr. 53)?
Antwoord 7
Ja, daar ben ik mee bekend en dat is en blijft de kern van mijn beleid. In mijn brief
van 5 juni jl. (Kamerstuk 32 336, nr.173) heb ik uiteengezet hoe ik met mijn beleid werk aan die voorloperpositie en hoe Nederland
daar bijvoorbeeld met het unieke groeifondsproject Ombion invulling aan geeft.
Vraag 8
Deelt u de mening dat het bij een land dat koploper wil zijn in proefdiervrije innovaties
niet past om eenzijdig te communiceren over de vermeende noodzaak van dierproeven,
maar juist het belang en de voordelen van de transitie naar proefdiervrije wetenschap
zou moeten uitdragen?
Antwoord 8
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 6 ben ik van mening dat er sprake is van
gebalanceerde en transparante communicatie en deel ik de mening niet dat er op rijksoverheid.nl
eenzijdig gecommuniceerd wordt. Er is voor de transitie naar proefdiervrije innovatie
een specifiek voor dat onderwerp ingerichte website en een apart LinkedIn-account
om effectief over de transitie naar proefdiervrije innovatie te communiceren, zoals
toegelicht in mijn antwoord op vraag 6.
Vraag 9
Bent u bereid om de video offline te halen of aan te passen zodat ook de nadelen van
dierproeven worden benoemd, conform de toezegging van uw voorganger(s)? Zo nee, waarom
niet?
Antwoord 9
Ik ben van mening dat met deze video op transparante en genuanceerde wijze het brede
publiek kennis kan nemen van hoe en waarom dierproeven gedaan worden. Zoals aangegeven
in het antwoord op vraag 6 staat de video niet op zichzelf, maar is deze geplaatst
in een bredere context. Ik ben dan ook niet van plan de video offline te halen.
Ik hecht veel waarde aan goede communicatie en een volledig beeld van mijn beleid,
zowel voor proefdiervrije innovatie als voor dierproeven. Naast mijn al bestaande
publiekscommunicatie over TPI heb ik daarom opdracht gegeven om ook een video te laten
maken over proefdiervrije innovatie. Deze video zal op rijksoverheid.nl worden geplaatst.
Vraag 10
Bent u bereid om in plaats van de betreffende video in uw communicatie over dierproeven
te focussen op het belang en de noodzaak van de transitie naar proefdiervrij onderzoek,
wat kan leiden tot grote medische doorbraken en onder meer goedkoper, beter vertaalbaar
en diervriendelijker is, en op de stappen die Nederland zet om dit te bereiken? Zo
nee, waarom niet?
Antwoord 10
Zoals opgenomen in mijn antwoord op vraag 9 ben ik niet voornemens de video te verwijderen.
Wel ben ik van mening dat gebalanceerde communicatie van belang is, waarbij dus ook
het belang van de transitie naar proefdiervrije innovatie goed aan bod komt. Deze
communicatie bestaat al en, samen met de partners van het TPI-partnerprogramma, wordt
via de website van TPI en het daarbij behorende LinkedIn-account over het beleid voor
de transitie naar proefdiervrij onderzoek, inclusief de ambities, initiatieven en
doorbraken, gecommuniceerd. Aanvullend op deze informatie komt er op rijksoverheid.nl
nog een video over proefdiervrije innovaties, zoals ook toegelicht in mijn beantwoording
van vraag 9.
Vraag 11
Welke andere concrete maatregelen en acties gaat u treffen om ervoor te zorgen dat
Nederland koploper wordt in baanbrekende proefdiervrije technologieën?
Antwoord 11
Ik heb mijn inzet voor die voorloperpositie in mijn Kamerbrief TPI en dierproeven
van 5 juni jl. (Kamerstuk 32 336, nr.173) uiteengezet. Ik verwacht in september een transitieadvies van het Nationaal Comité
advies dierproevenbeleid (NCad) te ontvangen. Ik verwacht dat dat rapport ook adviezen
zal bevatten die helpen bij het verder aanjagen van de transitie en zal de Kamer te
zijner tijd mijn appreciatie op dat advies doen toekomen.
Vraag 12
Kunt u deze vragen binnen de daarvoor gestelde termijn beantwoorden?
Antwoord 12
Ja, hierbij ontvangt u mijn reactie op uw vragen.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
S.P.A. Erkens, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur -
Mede namens
R.M. Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.