Mededeling (uitstel antwoord) : Uitstel beantwoording vragen van de leden Diederik van Dijk, Wiersma en Bikker over de mediarichtlijn van Fiom over abortus
Vragen van de leden Diederik van Dijk (SGP), Wiersma (BBB) en Bikker (ChristenUnie) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over de mediarichtlijn van Fiom over abortus (ingezonden 15 april 2026).
Mededeling van Minister Hermans (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 6 mei
2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de nieuwe Fiom-mediarichtlijn en bijhorende adviezen over
taalgebruik over abortus?1
Vraag 2
Is het Ministerie van VWS van plan om deze mediarichtlijn en taaladviezen van Fiom
ook te gaan gebruiken?
Vraag 3
Kunt u bevestigen dat deze mediarichtlijn en taaltips tot stand zijn gekomen met subsidie
van het Ministerie van VWS? Zo ja, aan welke voorwaarden moet deze communicatie voldoen
qua objectiviteit en neutraliteit?
Vraag 4
Deelt u de opvatting dat het document van Fiom niet neutraal en feitelijk is, zoals
het pretendeert te zijn?
Vraag 5
Erkent u dat het vermijden van bepaalde woorden kan bijdragen aan het verdoezelen
van de morele zwaarte van abortus?
Vraag 6
Acht u het wenselijk dat door de overheid gefinancierde organisaties taal voorschrijven
die bepaalde morele perspectieven op het ongeboren leven uitsluit en afkeurt?
Vraag 7
Wat vindt u ervan dat volgens Fiom niet gesproken mag worden over «pro-life», maar
enkel over «anti-abortus»? Is dit volgens u een neutraal en feitelijk advies?
Vraag 8
Erkent u dat «pro-life» een internationaal zeer gangbare zelfbenaming is?
Vraag 9
Hoe waarborgt u dat er ruimte blijft voor verschillende levensbeschouwelijke visies
in het maatschappelijk debat?
Vraag 10
Wat vindt u ervan dat Fiom adviseert om geen gebruik te maken van de termen «baby»,
«ongeboren kind», «ongeboren leven» en «meisjes of jongetjes»? Is dit volgens u een
neutraal en feitelijk advies?
Vraag 11
Zo ja, kunt u uitleggen waarom een ongeboren kind geen «baby», «meisje» of «jongetje»
mag worden genoemd, terwijl deze in brede maatschappelijke kring zeer gangbaar zijn?
Vraag 12
Hoe verhoudt het advies om geen gebruik te maken van de term «ongeboren leven» zich
tot het feit dat de term «ongeboren leven» twee keer letterlijk wordt genoemd in de
Wet afbreking zwangerschap (artikel 5, tweede lid, onderdeel b en artikel 6a, derde
lid, onderdeel b)?
Vraag 13
Wat vindt u ervan dat Fiom adviseert om niet te spreken over «abortus plegen» omdat
dit suggereert dat abortus een misdaad is? Erkent u dat abortus in het Wetboek van
Strafrecht staat en in Nederland enkel is toegestaan vanwege de uitzondering die de
Wet afbreking zwangerschap daarop biedt?
Vraag 14
Op basis van welke wetenschappelijke bronnen stelt Fiom dat het «post-abortus syndroom»
niet bestaat?
Mededeling
De vragen van de leden Diederik van Dijk (SGP), Wiersma (BBB) en Bikker (ChristenUnie)
over de mediarichtlijn van Fiom over abortus (2026Z07903) kunnen tot mijn spijt niet binnen de gebruikelijke termijn worden beantwoord.
De reden van het uitstel is dat de vereiste ambtelijke en bestuurlijke afstemming
meer tijd vergt.
Ik zal u zo spoedig mogelijk de antwoorden op de Kamervragen doen toekomen.
Ondertekenaars
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.