Schriftelijke vragen : Het bericht dat de Nederlandse politie een verdachte heeft gearresteerd in verband met explosies in Duitsland
Vragen van het lid Bikker (ChristenUnie) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over het bericht dat de Nederlandse politie een verdachte heeft gearresteerd in verband met explosies in Duitsland (ingezonden 8 april 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Dutch police arrest suspect linked to 2025
explosions in Germany1»? Heeft u tevens kennisgenomen van het rapport «Between victimhood and offending»
van de European insititute for crime prevention and control (HEUNI)2?
Vraag 2
Bent u, met Europol, van mening dat het fenomeen geweld op bestelling een groeiend
probleem is waarbij ook in Nederland kwetsbare jongeren worden geronseld? Deelt u
de analyse van Europol dat hierbij ook sprake kan zijn van criminele uitbuiting? Hoeveel
(minderjarige) Nederlandse plegers die over de grenzen heen actief zijn geweest, zijn
er binnen deze taskforce inmiddels in beeld? Hoeveel zijn dat er in de afgelopen vier
jaar, buiten deze taskforce om, in beeld geweest? Hoeveel van deze (minderjarige)
plegers zijn tevens slachtoffer van criminele uitbuiting?
Vraag 3
In hoeverre hebben de Nederlandse opsporingsdiensten voldoende zicht op criminele
netwerken die kwetsbare jongeren ronselen en over landsgrenzen heen opereren? In hoeverre
is er, naast de Europol-taskforce GRIMM, sprake van samenwerking tussen opsporingsdiensten
in verschillende Europese landen om dit probleem het hoofd te bieden? Heeft u binnen
het programma Preventie met Gezag, de ondermijningsaanpak en het programma Samen tegen
Mensenhandel voldoende middelen om het fenomeen geweld op bestelling het hoofd te
bieden? Zijn er aanvullende maatregelen nodig? Zo ja, welke?
Vraag 4
Met welke online techbedrijven werkt Europol samen om zicht te krijgen op online ronselpraktijken
en hoe zien deze programma’s eruit? Welke mogelijkheden ziet u om dergelijke techprogramma’s
ook hier in Nederland uit te rollen? Ziet u hier mogelijkheden om mede ter uitvoering
van de motie-Ceder (Kamerstuk 36 800 VII, nr. 81) hier nader vorm aan te geven? Zo ja, welke?
Vraag 5
Op welke wijze wordt er binnen de genoemde taskforce van Europol aandacht besteed
aan de aanpak van criminele uitbuiting en de bescherming van slachtoffers, waaronder
de toepassing van het non-punishmentbeginsel? Welke beschermingsmaatregelen worden
binnen deze taskforce geboden? Is er daarnaast sprake van samenwerking met hulpinstanties
over de grenzen heen, en zo ja, hoe ziet deze samenwerking eruit?
Vraag 6
Kunt u aangeven op welke wijze het amendement aangaande de wettelijke verankering
van het non-punishmentbeginsel3, in lijn met een aanbeveling van GRETA4, naar verwachting zal bijdragen aan het verminderen van de angst van slachtoffers
om samen te werken met de politie? Op welke wijze gaat u, bijvoorbeeld binnen het
programma Samen tegen Mensenhandel dat middels het regeerakkoord wordt voortgezet,
er zorg voor dragen dat dit in de praktijk adequaat wordt toegepast? Ziet u op basis
van het genoemde rapport best practises uit Scandinavië die we in Nederland zouden
kunnen toepassen?
Vraag 7
Op welke wijze past Nederland de lessen uit de uitspraak van het EHRM inzake V.C.L/A.N.5 waarin het Verenigd Koninkrijk werd veroordeeld voor het schenden van artikel 4 en
6 van het Handvest omdat een slachtoffer van criminele uitbuiting werd veroordeeld
voor een drugsdelict terwijl signalen van uitbuiting onvoldoende werden opgevolgd?
Komt het in Nederland bijvoorbeeld voor dat een slachtoffer van criminele uitbuiting
eerst wordt veroordeeld voor een delict terwijl in een separate strafzaak duidelijk
wordt dat er sprake is van slachtofferschap mensenhandel?
Vraag 8
Bent u van mening dat jongeren die vastzitten in de criminaliteit, waaronder van geweld
op bestelling, over adequate mogelijkheden beschikken om hulp te krijgen? Welke hulpmiddelen
zijn er voor deze jongeren beschikbaar? Ziet u op basis van het genoemde rapport van
Heuni6 best practises uit Scandinavië die in Nederland kunnen worden toegepast?
Indieners
-
Gericht aan
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid -
Indiener
Mirjam Bikker, Kamerlid