Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van leden Moorman, Abdi en Tseggai over de financiële envelop voor de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Vragen van de leden Moorman, Abdi en Tseggai (allen GroenLinks-PvdA) aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de financiële envelop voor onderwijs (ingezonden 4 maart 2026).
Antwoord van Minister Letschert (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) en de Staatssecretaris
van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (ontvangen 26 maart 2026).
Vraag 1
Erkent u dat de verdeling van de envelop voor onderwijs al klaar is, zoals valt te
lezen in de beslisnota horende bij de beantwoording van de feitelijke vragen over
het coalitieakkoord «Aan de slag», maar dat deze van de Minister van Financiën niet
mag worden gedeeld met de Kamer? Zo ja, waarom mag deze informatie niet met de Kamer
worden gedeeld? Kunt u deze verdeling alsnog aan de Kamer doen toekomen?1
Antwoord 1
Bureau Kabinetsformatie heeft op 30 januari 2026 de verdeling van de investeringen
op het terrein van OCW gedeeld met de Ministeries van OCW en Financiën. In de beantwoording
van de feitelijke vragen over het coalitieakkoord is toegezegd dat wij uw Kamer nog
verder informeren over deze verdeling, omdat de precieze invulling van deze envelop
nog extra uitwerking vereist. Er wordt onder andere nog gekeken naar de uitvoerbaarheid,
de randvoorwaarden, de kosten van de uitvoering van de maatregelen die niet in de
budgettaire tabel staan, de doelmatigheid, de verdeling tussen sectoren en instrumenten
en de financiële doorrekening. Daarmee kan het uiteindelijke voorstel zoals wij dat
aan uw Kamer zullen sturen met onze beleidsbrief afwijken van de tabel zoals die door
Bureau Kabinetsformatie is verstrekt. Deze beleidsbrief bevat informatie van het kabinet
over de uitwerking van de plannen uit het coalitieakkoord, de brief ontvangt uw Kamer
in april.
De tabel zoals deze is opgesteld door Bureau Kabinetsformatie is hieronder toegevoegd.
Deze tabel is in lijn met de ambities van het coalitieakkoord. Het gaat hier deels
om het een-op-een volledig terugdraaien van de bezuinigingen van kabinet Schoof. Daarbij
is het mogelijk dat sommige teruggedraaide bezuinigingen terugkeren in een nieuwe
vorm met een ander instrument. Daarnaast gaat het om nieuwe investeringen op de OCW-begroting
voor het onderwijs, wetenschap en media.
Onderwijs
Maatregel
(bedragen x € 1.000)
2027
2028
2029
2030
Structureel
Terugdraaien bezuiniging beperken school en omgeving
120.615
120.615
120.615
120.615
120.615
Herstellen en hervormen brede brugklassubsidie
57.686
57.686
57.686
57.686
57.686
Terugdraaien SPUK-korting (oa GOAB en VSV/RMC)
85.296
85.296
85.296
85.296
85.296
Doorzetten regionaal investeringsfonds mbo
14.600
34.609
33.667
28.526
28.526
Meer tijd voor schoolontwikkeling op teamniveau
350.000
350.000
350.000
350.000
350.000
Verhogen uitwonende basisbeurs met 110 mln.
5.000
25.000
45.000
110.000
Maximeren rente studiefinanciering op 2,5%
40.000
Bevordering zij-instroom
79.324
88.074
88.074
88.074
88.074
Beter en regelmatig inspectietoezicht
5.000
11.000
21.000
30.000
Intensivering Fonds onderzoek en wetenschap via bestaand instrumentarium (sectorplannen,
praktijkgericht onderzoek, onderzoeksinfrastructuur en Europese samenwerking)
224.479
332.720
370.662
447.803
433.803
Taakstellende intensivering lumpsum internationalisering (verhoging bedrag per student)
68.000
121.000
158.000
156.000
156.000
Totaal
1.000.000
1.200.000
1.300.000
1.400.000
1.500.000
Media
Terugdraaien verlaging rijksmediabijdrage landelijke publieke omroep
45
45
45
45
45
Versterking van persveiligheid en -vrijheid
5
5
5
5
5
Totaal
50
50
50
50
50
Vraag 2
Klopt het dat het geld dat naar Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) gaat in de
jaren 2027, 2028, 2029 en 2030 de bezuinigingen van kabinet Schoof niet dekken? Klopt
het dat er de facto dan alsnog bezuinigd wordt op de begroting van OCW gezien er sprake
is van een netto-krimp? Klopt het dat de uitspraak «we gaan investeren in onderwijs»
van het lid Paternotte dan feitelijk onjuist is?2,
3,
4
Antwoord 2
Een deel van de bezuinigingen van kabinet Schoof is eerder teruggedraaid met de amendementen
Bontenbal c.s.5 en Eerdmans c.s.6 Zoals in de tabel met de verdeling van de envelop bij vraag 1 te lezen is, heeft
kabinet Jetten ervoor gekozen om naast het terugdraaien van een deel van de bezuinigingen
ook nieuwe investeringen te doen. In totaal wordt structureel € 1,55 miljard geïnvesteerd
door kabinet Jetten op de OCW-begroting. In onderstaande tabel is te zien dat het
positieve saldo van intensiveringen en extensiveringen van kabinet Jetten groter is
dan het negatieve saldo op de OCW-begroting van kabinet Schoof. Dat geldt voor de
jaren 2027 t/m 2030 en structureel. De reeksen van kabinet Schoof zijn de nettoreeksen
na de verwerking van de eerdergenoemde amendementen Bontenbal c.s. en Eerdmans c.s.
Bij de hoogte van de prijsbijstelling in 2025 zij aangetekend dat de prijsbijstelling
bij Voorjaarsnota 2025 met de helft is gekort vóórdat deze werd toegevoegd aan de
departementale begrotingen. Deze korting is niet verwerkt in onderstaande tabel. Ook
met deze korting is het positieve saldo van intensiveringen en extensiveringen van
kabinet Jetten groter dan het negatieve saldo op de OCW-begroting van kabinet Schoof.
2027
2028
2029
2030
Structureel
Extensiveringen Schoof (bezuinigingen Hoofdlijnenakkoord na verwerking Bontebal c.s.
en Eerdmans c.s.)
– 1.126.000
– 1.265.000
– 1.357.000
– 1.373.000
– 1.278.000
Intensiveringen Schoof (o.a. tegemoetkoming leenstelsel & schoolmaaltijden)
1.437.000
187.500
168.000
156.000
141.000
Extensiveringen Jetten (Subsidietaakstelling, efficiencytaakstelling en taakstelling
Slagvaardige overheid)
– 25.000
– 30.000
– 64.000
– 112.000
– 112.000
Intensiveringen Jetten (zie tabel bij vraag 1)
1.050.000
1.250.000
1.350.000
1.450.000
1.550.000
Bedragen x € 1.000
De totale hoogte van de OCW-begroting wordt ook bepaald door andere factoren. Zo zijn
er jaarlijks mee- en tegenvallers, waaronder de jaarlijkse autonome raming van leerling-
en studentenaantallen. Ook is er sprake van structurele krimp van de leerling- en
studentenaantallen en wordt er soms ook binnen de OCW-begroting omgebogen ten behoeve
van tegenvallers binnen de OCW-begroting of rijksbrede tegenvallers. Daarnaast wordt
er in principe ook jaarlijks loon- en prijsbijstelling toegevoegd aan de OCW-begroting,
deze was bij Voorjaarsnota 2025 structureel € 2,1 miljard. Voor de vergelijking van
intensiveringen en bezuinigingen door twee kabinetten zijn deze factoren niet meegenomen
in bovenstaande vergelijking tussen de kabinetten Schoof en Jetten.
Vraag 3
Gezien er te weinig geld gaat naar de begroting van OCW om alle bezuinigingen van
het kabinet Schoof terug te draaien, kunt u puntsgewijs per bezuiniging aangeven of
deze helemaal, gedeeltelijk of niet wordt teruggedraaid:
– Bezuiniging maatschappelijke diensttijd,
– HLA 23. Afschaffen brede brugklas en beperken S&O,
– HLA 24. Alternatieve invulling bijstelling sectorplannen hoger onderwijs en wetenschap,
– HLA 26. Terugdraaien groei apparaat Rijksoverheid,
– HLA 29. SPUK naar GF en PF met 10% budgetkorting,
– HLA 34. Gerichte keuzes ontwikkelingssamenwerking,
– HLA 35. Verlaging non-ODA-middelen,
– HLA 40. Generieke taakstelling subsidies rijksbreed,
– HLA 41. Verminderen internationale studenten (via bestuurlijk akkoord),
– HLA 42. Hervorming Nederlandse Publieke Omroep NPO,
– HLA 43. Alternatieve invulling afschaffen OV-vergoeding buitenland studerenden,
– HLA 69. Fonds Onderzoek Wetenschap,
– Verlaging rijksmediabijdrag e landelijke publieke omroep,
– Inhouden loonbijstelling externe inhuur tranche 2025,
– Amendement Kent taakstelling externe inhuur,
– Rijksbrede halvering prijsbijstelling tranche 2025?
Antwoord 3
Zoals af te lezen is uit de tabel bij vraag 1 draait het kabinet een aantal bezuinigingen
terug (zowel uit het Hoofdlijnenakkoord als de verwerking van de ingediende amendementen
Bontenbal c.s. en Eerdmans c.s.). Daarnaast is ervoor gekozen om ook nieuwe investeringen
te doen. Over de invulling en verdeling wordt u geïnformeerd bij de beleidsbrief.
Vraag 4
Wanneer er bij de vorige vraag sprake is van gedeeltelijk of niet terugdraaien van
de voorgenomen bezuiniging, kunt u motiveren waarom u hiervoor kiest?
Antwoord 4
Het wel of niet (geheel) terugdraaien van bezuinigingen en de keuze voor nieuwe investeringen,
zoals weergegeven in de tabel bij vraag 1, zijn de uitkomst van keuzes tijdens de
formatie. Uw Kamer wordt geïnformeerd over de specifiekere uitwerking van de investeringsenvelop
met de beleidsbrief.
Vraag 5
Welk deel van de middelen in de envelop onderwijs is gereserveerd voor het verhogen
van de uitwonende basisbeurs? Met welk bedrag gaat de uitwonende beurs per maand omhoog
en per wanneer?
Antwoord 5
Zoals in de tabel bij vraag 1 te zien is wordt er structureel een bedrag van € 110 miljoen
gereserveerd voor het verhogen van de uitwonendenbeurs. Momenteel wordt de precieze
invulling nog uitgewerkt.
Vraag 6
Welk deel van de middelen in de envelop onderwijs is gereserveerd voor nieuwe beleidsposten
op de OCW-begroting? Welke nieuwe beleidsposten zullen dit zijn?
Antwoord 6
De volgende posten uit de tabel bij vraag 1 bevatten (deels) nieuwe beleidsposten:
– Meer tijd voor schoolontwikkeling op teamniveau
– Verhogen basisbeurs uitwonenden
– Maximeren rente studiefinanciering op 2,5%
– Structureel maken van Fonds Onderzoek en Wetenschap
– Bevordering zij-instroom
– Beter en regelmatig inspectietoezicht
– Versterking van persveiligheid en-vrijheid
Vraag 7
Kunt u deze vragen met spoed maar in ieder geval binnen drie weken beantwoorden zodat
de Kamer goed geïnformeerd het debat kan voeren?
Antwoord 7
Ja.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
R.M. Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap -
Mede ondertekenaar
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.