Schriftelijke vragen : Het bestraffen van frequente verkeersovertreders bij het veroorzaken van ernstige ongelukken
Vragen van het lid Diederik van Dijk (SGP) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over het bestraffen van frequente verkeersovertreders bij het veroorzaken van ernstige ongelukken (ingezonden 3 maart 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Abdalla valt in slaap en rijdt voetganger dood, rechter
geeft hem celstraf»?1
Vraag 2
Hoe wordt op dit moment in de vervolging en berechting rekening gehouden met de persoonlijke
geschiedenis van het aantal en type verkeersovertredingen van de verdachte? Is deze
praktijk volgens u toereikend?
Vraag 3
Kunt u toelichten waarop in de huidige praktijk de gedachte berust dat een gevangenisstraf
en rij-ontzegging van één of enkele jaren voldoende is om recht te doen aan verkeerssituaties
met dodelijke afloop waarin verdachten reeds herhaaldelijk gevaarzettend gedrag hebben
vertoond in het verkeer?
Vraag 4
Vindt u dat sommige bestuurders definitief de rijbevoegdheid moet kunnen worden ontzegd?
In hoeverre wordt die mogelijkheid nu geboden en gebruikt?
Vraag 5
Op welke wijze wordt toegezien of een veroordeelde zich houdt aan de rij-ontzegging?
Hoeveel personen zijn in de afgelopen jaren aangetroffen als bestuurder terwijl sprake
was van een rij-ontzegging?
Vraag 6
Vindt u het passen bij de ernst van de veroordeling tot rij-ontzegging na ernstige
of zelfs dodelijke ongelukken dat volgens de richtlijn van het Openbaar Ministerie
enkele weken gevangenisstraf wordt gevorderd bij niet-naleving?2 Waarop berusten de gekozen normen in de richtlijn?
Vraag 7
Bent u bereid te verkennen of en hoe aanscherping van bestraffing nodig is bij ernstige
verkeersongevallen door personen met gebleken risicovol gedrag in het verkeer, waaronder
in ieder geval begrepen de bestraffing van het niet naleven van de rij-ontzegging?
Indieners
-
Gericht aan
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid -
Indiener
Diederik van Dijk, Kamerlid