Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Vliegenthart over de positie van vrouwenrechten en reproductieve rechten binnen het kabinet
Vragen van het lid Vliegenthart (GroenLinks-PvdA) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over de positie van vrouwenrechten en reproductieve rechten binnen het kabinet (ingezonden 3 juni 2026).
Antwoord van Minister Hermans (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 25 juni
2026)
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «SGP eist lagere abortuscijfers in ruil voor steun aan
kabinetsplannen»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Hoe reflecteert u op de oproep om de afschaffing van de verplichte bedenktijd bij
abortuszorg en de mogelijkheid voor huisartsen om abortusmedicatie voor te schrijven,
terug te draaien? Deelt u de mening dat dergelijke stappen een inperking zouden zijn
van de lichamelijke autonomie van vrouwen?
Antwoord 2
Het kabinet staat pal voor kwalitatieve en toegankelijke abortuszorg. De abortuszorg
die abortusartsen en huisartsen bieden – zonder verplichte minimale beraadtermijn
voor vrouwen – is zorgvuldig en van hoge kwaliteit. Dat is een groot goed. Het kabinet
is niet van plan om de verplichte minimale beraadtermijn opnieuw in te voeren of om
het voorschrijven van abortusmedicatie door huisartsen te verbieden.
Vraag 3
Kunt u toezeggen dat u als Minister geen stappen zult zetten die de reproductieve
rechten en rechten van vrouwen inperken, zoals het terugbrengen van de verplichte
bedenktijd en het afschaffen van de mogelijkheid voor huisartsen om abortusmedicatie
voor te schrijven? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 3
Het kabinet is niet van plan om de verplichte minimale beraadtermijn opnieuw in te
voeren of om het voorschrijven van abortusmedicatie door huisartsen te verbieden.
Vraag 4
Vindt u dat het verlagen van het abortuscijfer een doel op zich moet zijn, zoals de
SGP in het artikel stelt? Of deelt u de mening van de indiener dat toegang tot kwalitatieve
en veilige abortuszorg het hoofddoel moet zijn?
Antwoord 4
Voor het kabinet staan niet het aantal zwangerschapsafbrekingen, maar de zorgvuldigheid,
kwaliteit en toegankelijkheid van abortuszorg centraal. Het is voor het kabinet geen
doel op zich om het aantal abortussen te verlagen. Het kabinetsbeleid richt zich op
het behouden van goede en toegankelijke abortuszorg
en op het versterken van de regie van mensen op hun kinderwens. In de Aanpak onbedoelde
en/of ongewenste zwangerschap staan verschillende activiteiten om deze regie te versterken.2
Vraag 5
In hoeverre bent u bereid mee te gaan met de bezwaren van conservatieve partijen die
ten kosten gaan van reproductieve rechten en waar trekt u de grens?
Antwoord 5
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 3, is het kabinet niet van plan om de verplichte
minimale beraadtermijn opnieuw in te voeren of om het voorschrijven van abortusmedicatie
door huisartsen te verbieden.
Vraag 6
Kunt u deze vragen ieder afzonderlijk van elkaar beantwoorden voorafgaand aan het
wetgevingsoverleg over het VWS jaarverslag, d.d. 25 juni 2026?
Antwoord 6
Ja.
Ondertekenaars
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.