Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Stoffer over de afsluiting van de A30 in verband met groot onderhoud
Vragen van het lid Stoffer (SGP) aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat over de afsluiting van de A30 in verband met groot onderhoud (ingezonden 16 januari 2026).
Antwoord van Minister Tieman (Infrastructuur en Waterstaat) (ontvangen 5 februari
2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de lokale weerstand tegen de voorgenomen afsluiting van
een groot deel van de A30 in verband met groot onderhoud?1,
2
Antwoord 1
Ja, ik heb kennisgenomen van het feit dat een aantal lokale ondernemers en andere
belanghebbenden zorgen hebben geuit over de voorgenomen verkeersmaatregelen en de
daarmee gepaard gaande hinder.
Vraag 2
Op welke wijze is het participatietraject vormgegeven? In hoeverre zijn lokale ondernemers
daarbij betrokken?
Antwoord 2
Rijkswaterstaat heeft de voorbereiding van de voorgenomen verkeersmaatregelen ingericht
volgens de reguliere Hinderaanpak Wegen. In dat kader zijn onder andere de provincies
Gelderland en Utrecht, de gemeenten Barneveld en Ede, alsmede nood- en hulpdiensten
structureel betrokken tijdens zogeheten GGB-sessies (Gebieds Gericht Benutten). Via
deze bestuurlijke partners zijn de belangen van inwoners en het lokale bedrijfsleven
vertegenwoordigd, waarmee invulling is gegeven aan de gebruikelijke wijze waarop belangen
van inwoners en ondernemers worden betrokken bij groot onderhoud aan rijkswegen.
Bedrijven zijn en worden verder geïnformeerd via de algemene publiekscommunicatie,
zoals persberichten, de projectpagina, advertenties, radiocommercials en berichtgeving
via social media. Daarnaast hebben diverse grote bedrijven en overige stakeholders
informatie ontvangen middels een persoonlijk gesprek en/of per mail met daarin de
relevante en benodigde informatie over het project.
Ook is de mogelijkheid geboden aan alle betrokken stakeholders om een informatiebijeenkomst
aan te vragen, zodat onder andere lokale ondernemers direct vragen kunnen stellen
en toelichting kunnen krijgen op het project. Hier is niet in alle gevallen gebruik
van gemaakt.
Vraag 3
Is de veronderstelling juist dat: lokaal verkeer nu ook veel gebruik maakt van de
A30/A1, dat omrijden via Utrecht of Arnhem voor deze groep verkeersdeelnemers geen
optie is en dat volledige afsluiting van een groot deel van de A30 derhalve tot grote
druk op het lokale wegennet zal leiden?
Antwoord 3
Nee, het uitgangspunt van Rijkswaterstaat is om het doorgaande verkeer via omleidingsroutes
over het hoofdwegennet te leiden, zodat het onderliggende wegennet zoveel mogelijk
beschikbaar blijft voor lokaal verkeer, waaronder inwoners en bedrijven.
Op een gemiddelde werkdag bestaat het verkeer op de A30 voor ongeveer 50% uit doorgaand
verkeer en voor ongeveer 50% uit lokaal verkeer. Uit verkeersmodelanalyses blijkt
dat het doorgaande verkeer juist bij grootschalige afsluitingen gebruik blijft maken
van het hoofdwegennet. Bij een kortere afsluiting, bijvoorbeeld tot aan Lunteren,
blijkt een aanzienlijk deel van het doorgaande verkeer juist uit te wijken naar het
onderliggende wegennet. Dit leidt tot nog veel meer extra verkeer op lokale wegen
en zal naar verwachting leiden tot ernstige verkeershinder en onveilige situaties.
Vraag 4
Kunt u aangeven, ook richting betrokken gemeenten, wat de verwachte verkeersintensiteit
is op de verschillende lokale (gebiedsontsluitings)wegen bij volledige wegafsluiting
en bij een meer gefaseerde afsluiting (zoals voorgesteld door ondernemers)? Kunt u
enig inzicht geven in de bijbehorende gevolgen voor doorstroming en verkeersveiligheid?
Antwoord 4
In onderstaande tabel staat de intensiteit in motorvoertuigen per etmaal op twee van
deze lokale wegen weergegeven (de Hessenweg en de Postweg). In alle gevallen neemt
de totale verkeersintensiteit toe op de lokale wegen. De toename is bij een afsluiting
tussen de A1 en Lunteren en bij een gefaseerde afsluiting echter fors hoger dan bij
een hele afsluiting.
Hessenweg
Postweg
Situatie zonder werkzaamheden
7.500
1.400
Hele afsluiting tussen A1 en Ede-Noord
+4.500 extra
+2.600 extra
A30 dicht tussen A1 en Lunteren
+4.600 extra
+8.200 extra
Gefaseerde afsluiting: A30 dicht tussen Scherpenzeel en Lunteren
+0
+14.300 extra
Vraag 5
Hoe waardeert u de keuze voor een volledige wegafsluiting in plaats van een meer gefaseerde
afsluiting?
Antwoord 5
Het gefaseerd uitvoeren van werkzaamheden zou de verkeersdrukte op het onderliggende
wegennet sterk vergroten, met zeer onveilige en onwenselijke situaties tot gevolg.
Deze overlast zou bij een gefaseerde afsluiting ook over een langere periode aanhouden
dan bij een volledige afsluiting het geval zou zijn. Een volledige afsluiting heeft
ook de voorkeur van de nood- en hulpdiensten vanwege de duidelijke aanrijdroutes en
het beschikbaar zijn van een rijstrook voor eventuele nood- en hulpdiensten. Ten slotte
blijft bij een volledige afsluiting het onderliggend wegennetwerk beter beschikbaar
voor bestemmingsverkeer en daarmee ook voor de te bereiken bestemmingen in Voorthuizen,
Barneveld en de gemeente Ede.
Vraag 6
Welke maatregelen worden genomen voor een zo vlot en veilig mogelijke doorstroming
op lokale wegen tijdens de afsluiting, bijvoorbeeld van en naar de op- en afrit op
de A1 bij Voorthuizen en ook aan de zuidkant van Barneveld en in de gemeente Ede?
Antwoord 6
In overleg met gemeenten, de provincie Gelderland en Utrecht en nood- en hulpdiensten
zijn beheersmaatregelen getroffen om de doorstroming op het onderliggend wegennet
te optimaliseren. Het gaat dan om het aanpassen van cyclustijden van verkeersregelinstallaties,
het inzetten van adviesroutes, het monitoren per motor van sluipverkeer en de inzet
van verkeersregelaars. Gedurende de werkzaamheden wordt de situatie gemonitord en
waar nodig en mogelijk bijgestuurd binnen een operationeel doorstromingsteam. Dit
team bestaat uit Rijkswaterstaat, de aannemer en de betrokken stakeholders.
Ondertekenaars
R. Tieman, minister van Infrastructuur en Waterstaat
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.