Brief regering : Stand van zaken optimalisering taaleis in de Participatiewet
34 352 Uitvoering en evaluatie Participatiewet
Nr. 350
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 10 februari 2026
Tijdens het commissiedebat uitvoering sociale zekerheid van 17 december 2025 vroeg
het lid Ceulemans (JA21) welke stappen zijn gezet sinds het voorjaar van 2025 in het
kader van het uitvoeren en handhaven van de taaleis. Aan uw Kamer is toegezegd u hierover
te informeren voor het commissiedebat Participatiewet.
Deze brief geeft een overzicht van de stappen die zijn en worden gezet in het kader
van het traject dat ik heb stevig ingezet om de taaleis te optimaliseren. Hierover
heb ik uw Kamer met mijn brief van 29 september 2025 geïnformeerd.1 Wie de Nederlandse taal niet spreekt, kan onvoldoende meedoen. Er moet daarom zo
lang sprake is van een bijstandsuitkering een inspanning worden geleverd om de Nederlandse
taal te leren. Ik vind het belangrijk dat de taaleis mensen in staat stelt om te participeren
en uit te stromen uit de bijstand naar werk én dat deze uitvoerbaar is voor gemeenten.
Daarom wil ik de geconstateerde knelpunten oplossen. In april wordt uw Kamer geïnformeerd
over het plan om de taaleis te verbeteren en over hoe de beschikbare middelen kunnen
worden ingezet, zodat in 2027 meer mensen kunnen participeren met behulp van een effectieve
taaleis.
Gemeenten zien het belang van taal als middel naar werk. Daarom verwacht ik dat zij
de taaleis zullen opleggen en handhaven. Met de overheveling van de handhaving van
de Participatiewet naar het Maatregelenbesluit socialezekerheidswetten zullen gemeenten
hier beter toe in staat zijn. Onder het voorgenomen maatregelenbeleid kan de uitkering
met 25% worden verlaagd bij een geconstateerde overtreding. Bij herhaalde overtredingen
kunnen gemeenten de uitkering tot 100% verlagen. Zij zullen hier beleid op moeten
maken.
Hieronder treft uw Kamer een overzicht van de stappen die in 2025 en begin 2026 zijn
en worden gezet om tot een optimale taaleis te komen met de ondersteuning die daarbij
hoort:
• Het kabinet heeft middelen beschikbaar gesteld voor taalonderwijs aan de doelgroep
taaleis. Deze middelen ga ik gebruiken om gemeenten in staat te stellen effectief
taalbeleid te voeren met de ondersteuning die daarbij hoort. In 2027 gaat het om een
bedrag van € 3,7 miljoen, oplopend tot € 17,4 miljoen structureel. Ik ben met gemeenten
in gesprek hoe deze middelen zo goed mogelijk kunnen worden ingezet.
• In de tweede helft van 2025 heb ik met wethouders van kleine, middelgrote en grote
gemeenten gesproken over de uitvoering en de handhaving van de taaleis. Ik heb in
deze gesprekken benadrukt dat de taaleis in het kader van de Participatiewet een wettelijke
verplichting is en erop aangedrongen dat gemeenten daar uitvoering aan geven. Ook
heb ik de wethouders naar knelpunten gevraagd.
• Ik heb ook een onderzoek uitgezet om de evaluatie van de taaleis uit 2019 te actualiseren,
om een zo actueel mogelijk beeld te hebben van de uitvoering van de taaleis en mogelijke
verbeterpunten. De uitkomsten van dit onderzoek worden in april met uw Kamer gedeeld.
• Ik heb rondetafelgesprekken georganiseerd met onder andere werkgevers, gemeenten en
taalaanbieders om bij hen op te halen welke knelpunten zij ervaren en hoe mensen in
de bijstand zo goed mogelijk ondersteund kunnen worden om de taal te leren en aan
het werk te gaan. Deze gesprekken hebben plaatsgevonden in december en in februari
en maart staan nog enkele gesprekken gepland. Daarnaast voer ik parallel gesprekken
met ervaringsdeskundigen over hun ervaringen en verbetermogelijkheden.
Naast het optimaliseren van de taaleis, zet ik meer stappen om specifiek statushouders
naar werk te begeleiden. In het voorjaar van 2026 gaan bijvoorbeeld 10 gemeenten starten
met een traject van hogeschool Arnhem Nijmegen voor het beter begeleiden van vrouwelijke
statushouders.
Ik vind het belangrijk om tot een taaleis te komen die mensen in staat stelt om te
participeren en uitvoerbaar is voor gemeenten. In april wordt uw Kamer geïnformeerd
over het plan om de taaleis te verbeteren zodat in 2027 meer mensen kunnen participeren
met behulp van een effectieve taaleis.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J.N.J. Nobel
Indieners
J.N.J. Nobel, staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid