Amendement : Amendement van het lid Diederik van Dijk over het niet van toepassing zijn op goederen die worden aangeboden als afval of om te recyclen
36 036 Wijziging van het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van Strafvordering in verband met het verbeteren van de bestrijding van heling, witwassen en de daaraan ten grondslag liggende vermogensdelicten
Nr. 18
AMENDEMENT VAN HET LID DIEDERIK VAN DIJK
Ontvangen 19 mei 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
In artikel I, onderdeel B, wordt na het voorgestelde artikel 437, zesde lid, een lid
ingevoegd, luidende:
6a. De in het eerste lid bedoelde goederen hebben geen waarde in het economisch verkeer
als zij om niet aan een opkoper of handelaar worden aangeboden en door die opkoper
of handelaar worden ingezameld om als afval te worden vernietigd of te worden gerecycled.
Toelichting
Ondergetekende is van mening dat volstrekt duidelijk dient te zijn dat de verplichtingen
van het wetsvoorstel niet van toepassing zijn in situaties waarin goederen geen waarde
van betekenis hebben in het economisch verkeer en waarin dus verondersteld mag worden
dat het doel van het wetsvoorstel niet aan de orde is. Concreet gaat het in ieder
geval om situaties waarin goederen als afval om niet worden aangeboden om te worden
vernietigd of gerecycled. Hiervan is bijvoorbeeld dagelijks op grote schaal sprake
bij het inleveren van goederen bij milieuwerven. De voorgestelde verplichtingen zijn
in zulke situaties onwerkbaar.
Op grond van het voorgestelde artikel 437, eerste lid, moet bij goederen sprake zijn
van waarde van enige betekenis. Als spiegelbeeld wordt in het concept van de algemene
maatregel van bestuur aangegeven wanneer sprake is van goederen die geen waarde van
betekenis hebben. Dat is het geval indien zij als afval om niet aan een opkoper of
handelaar worden aangeboden. De voorgestelde verplichtingen zijn in die situaties
niet van toepassing. Volgens ondergetekende is deze bepaling van zo algemene aard
dat deze in de wet dient te worden opgenomen.
Ondergetekende meent dat de toevoeging dat deze goederen ingezameld moeten zijn om
te worden vernietigd niet wenselijk is. Daarmee zou immers opnieuw discussie kunnen
ontstaan of goederen die bijvoorbeeld worden gerecycled alsnog aangemerkt kunnen worden
als goederen met enige waarde van betekenis. Die keuze doet geen recht aan de situatie
van onder andere de milieuwerven. In algemene zin mag verondersteld worden dat de
door het wetsvoorstel bedoelde risico’s zich niet voordoen bij het aanbieden van goederen
om als afval te worden vernietigd of te worden gerecycled.
D. van Dijk
Indieners
Diederik van Dijk, Kamerlid
Appreciatie (oordeel)
Appreciatie:
Oordeel Kamer
De minister of staatssecretaris is positief over de motie. Hij of zij wacht de uitkomst van de stemming in de Kamer af.
Stemmingsuitslagen
Aangenomen met handopsteken
| Fracties | Zetels | Voor/Tegen |
|---|---|---|
| D66 | 26 | Voor |
| VVD | 22 | Voor |
| GroenLinks-PvdA | 20 | Voor |
| PVV | 19 | Voor |
| CDA | 18 | Voor |
| JA21 | 9 | Voor |
| FVD | 7 | Voor |
| Groep Markuszower | 7 | Voor |
| BBB | 3 | Voor |
| ChristenUnie | 3 | Voor |
| DENK | 3 | Voor |
| PvdD | 3 | Voor |
| SGP | 3 | Voor |
| SP | 3 | Voor |
| 50PLUS | 2 | Voor |
| Keijzer | 1 | Voor |
| Volt | 1 | Voor |