Zonder de bodedienst zou het bijna onmogelijk zijn om in de Tweede Kamer debatten en commissievergaderingen te organiseren. De bodes maken de planning en regelen de zalen. Ze zorgen ervoor dat de microfoons het doen, bewaken de orde tijdens debatten en zorgen voor koffie. Met andere woorden: dankzij de bodes kunnen de leden van de Tweede Kamer hun werk soepel doen. Ze zijn dan ook onmisbaar voor de Kamerleden.

Altijd aanwezig

Bij elk debat en elke commissievergadering is ten minste één bode aanwezig. Ook als een debat onverwachts dreigt uit te lopen op nachtwerk, blijft een van de achttien bodes van de Tweede Kamer er constant bij. Kamerleden waarderen hun aanwezigheid en zorg enorm. Dat zit hem in de kleine dingen. Van een kop koffie om je op te peppen tijdens een lang debat tot iemand die je een zakdoek aanreikt als je een loopneus hebt.

Wegwijs maken

Dankzij de bodes kunnen Kamerleden zich focussen op belangrijke dingen als het debat, de vragen aan de minister en zijn antwoord. Een Kamerbode vertelt: “Als een Kamerlid iets tegenkomt in zijn werk wat hem hindert, lossen de bodes het op. Beginnende Kamerleden maken we wegwijs in het reilen en zeilen van het Nederlandse parlement. Van vertellen wie je moet bellen als je computer het niet doet tot informatie over de mores in het parlement. Allemaal dingen die je als Kamerlid moet weten om je optimaal op je taak te kunnen richten: het volk vertegenwoordigen.”

Briefjes en tablets

Voor de buitenwereld zijn bodes toch vooral de mensen die briefjes rondbrengen tijdens het debat. Maar is dat nog wel nodig, in een tijd waarin je snel informatie kunt uitwisselen via mobiele telefoons en tablets? “De tablet is een handig hulpmiddel. Maar sommige stukken, zoals een motie voor de minister, worden nog steeds uitgeprint om ze snel bij het debat te kunnen betrekken. Briefjes maken deel uit van het politieke spel en de traditie. Snel iemand een boodschap doorgeven, gaat nog steeds het beste met een handgeschreven briefje. Het is ook een manier om te socializen. Zie het als een knipoog.”

Toch kijken veel Kamerleden tijdens het debat veelvuldig op hun tablet. “Maar dat betekent niet dat ze niet opletten. Vaak hebben ze dan contact met hun fractiemedewerkers of andere partijleden om zo met de juiste informatie een debat te kunnen voeren”, aldus een Kamerbode.

Lange dagen

Bodes maken net als Kamerleden en fractiemedewerkers soms lange dagen. Wanneer een debat uitloopt tot drie uur ’s nachts, blijft de bode aanwezig tot het debat is afgelopen. Soms moet hij de volgende dag dan weer om tien uur in de ochtend aanwezig zijn op het bodestation, de uitvalsbasis van de bodedienst. Daar komen de bodes samen om het werk voor die dag in te plannen.

Spoorwegen

Die planning kan overigens een paar keer per week veranderen. “We zijn wat dat betreft net de spoorwegen. In ons werk veranderen de omstandigheden constant. Als het goed gaat, hoor je er niemand over. Bij calamiteiten weet iedereen ons te vinden.” Bode zijn is geen negen-tot-vijfbaan. Flexibiliteit, zowel op kantoor als thuis, is een must voor deze functie. “Hoewel het werk voor veel mensen onzichtbaar is, is het dankbaar om te doen. Uniek in elke zin van het woord. Er is maar één bedrijf als de Tweede Kamer. En er zijn maar achttien Kamerbodes. Het is mooi en eervol om daar onderdeel van te zijn.”

Een bekend gezicht

De bodes begeven zich tijdens hun werk soms ook buiten het Tweede Kamergebouw. Tijdens Prinsjesdag, de derde dinsdag in september, spelen ze een belangrijke rol. Samen met de bodes van de Eerste Kamer zorgen ze ervoor dat alles die dag vlekkeloos verloopt. En wanneer Tweede Kamerleden de Koning bezoeken op Paleis Noordeinde, zijn de bodes ook aanwezig. “Voor veel Kamerleden is een bezoek aan de Koning geen dagelijkse kost. Dat is ook voor hen een bijzonder en spannend moment. Ze zijn dan blij om ons te zien. Een bekend gezicht.”