Evaluatie van de Wet bescherming persoonsgegevens
Sinds 1 september 2001 is de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) van kracht. In de wet staan de rechten beschreven die je hebt als jouw persoonlijke gegevens worden gebruikt. Maar ook de plichten die instanties of bedrijven hebben die de gegevens gebruiken. Begin 2008 stuurde minister Hirsch Ballin van Justitie een evaluatie van de Wbp aan de Kamer. De plicht tot evaluatie staat in artikel 80 van de Wbp. Hierdoor kan worden bekeken hoe de wet in de praktijk werkt.
Commissie Brouwer-Korf
Ook liet het kabinet onderzoek doen naar de relatie tussen veiligheidsbeleid en privacy. De commissie Veiligheid en persoonlijke levenssfeer (commissie Brouwer-Korf) onderzocht hoe veiligheid en bestrijding van criminaliteit kunnen samengaan met goede waarborgen voor de omgang met persoonsgegevens.
‘Gewoon doen’
In januari 2009 kwam de commissie met het rapport ‘Gewoon doen’. Hierin concludeerde ze dat het opslaan en uitwisselen van privacygevoelige gegevens mag als het nodig is om de veiligheid van burgers te garanderen. Het moet dan wel duidelijk zijn welke gegevens zijn opgeslagen en wie precies wat doet met die gegevens. Ook adviseerde de commissie een onafhankelijke externe toezichthouder in het leven te roepen, die controleert of het verzamelen en uitwisselen van persoonsgegevens zorgvuldig gebeurt.
Reactie kabinet
In een brief aan de Tweede Kamer gaf het kabinet een reactie op de evaluatie van de Wbp en op het rapport van de commissie Brouwer-Korf. Het kabinet geeft aan dat overheidsinstanties persoonlijke gegevens mogen uitwisselen om de veiligheid en hulpverlening van burgers te bevorderen. Volgens het kabinet zijn burgers zelf verantwoordelijk voor het verstrekken van hun persoonlijke gegevens. Maar de overheid en het bedrijfsleven hebben ook de plicht transparant te zijn over wat er met die gegevens gebeurt.
Vergaderingen
Woensdag 3 februari 2010 hield de commissie voor Justitie een algemeen overleg over de evaluatie van de Wet bescherming persoonsgegevens en het kabinetsstandpunt over het advies commissie Brouwer-Korf. Namens het kabinet waren minister Hirsch Ballin van Justitie en minister Ter Horst van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aanwezig.
Stukken
- Brief van de ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, d.d. 3 november 2009 met het kabinetsstandpunt ten aanzien van het advies van de Commissie Brouwer-Korf en de evaluatie van de Wet bescherming persoonsgegevens (Kamerstuk 31051, nr. 5)
- Brief van de minister van Justitie, d.d. 16 februari 2009 ter aanbieding van het onderzoeksrapport 'Wat niet weet, wat niet deert, Evaluatieonderzoek werking van de Wet bescherming persoonsgegevens in de praktijk' (Kamerstuk 31051, nr. 4).
- Brief van de minister van Justitie, d.d. 24 november 2008 met een reactie op het door het Rathenau Instituut uitgegeven Bericht aan het Parlement getiteld 'Opsporing behoeft checks and balances' (Kamerstuk 31700 VI, nr. 82).
- Brief van de minister van Justitie, d.d. 15 mei 2007 ter aanbieding van het onderzoeksrapport 'Eerste fase evaluatie Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)' (Kamerstuk 31051, nr. 1).
Relevante websites
Contact
- Contact met de Tweede Kamer
- Adres en route
- Veelgestelde vragen
- Bezoek de Tweede Kamer
- Overzicht politieke websites
